Gorssel
Eesterhoek homepage
 
In de geschiedenis van de Eesterhoek komt vaak het dorp Gorssel ter sprake. Logisch natuurlijk, want het dorp ligt zeer nabij. Soms is het ook zo dat Eesterhoekers uit het dorp afkomstig zijn of er naartoe verhuizen. Veel oude boerderijen en huizen in het dorp zijn daardoor al genoemd op de website. Op deze pagina is hierover meer te lezen en zien wij in de diverse bewonersoverzichten veel Eesterhoekers terugkomen.
 
 
De kaart hierboven dateert van ongeveer 1786. De "weg tusschen Deventer en Zutphen" is de huidige Zutphenseweg. Ten zuiden daarvan (gezien op de kaart, in werkelijkheid ten westen) zien wij de boerderijen 't Gier en Bloedkamp welke als eerste op deze website aan bod kwamen. We steken bij 't Gier de weg over en beginnen linksonder de L van "GORSEL" aan onze dorpswandeling en maken een rondje met de kerkklok mee. De reis eindigt bij de Grootekamp en als er nog wat tijd over is, lopen we nog een stukje verder richting Eefde en daarna richting Joppe.
 
 
De prenten hiernaast laten in de verte de kerktoren van Gorssel zien en zijn getekend door Nicolaas Wicart in de periode 1770-1815 dus in dezelfde periode als de kaart hierboven. Het is mogelijk dat de tekeningen zijn gemaakt in de Eesterhoek.
 
 
 
Brinkerkamp
 
Ook wel Brinkerenkamp, Lueks en Leuks genoemd. Anno 1751 wonen hier de Smid en de Timmerman, er was dus sprake van dubbele bewoning. Dat hoeft niet te betekenen dat het één huis was, het waren waarschijnlijk meerdere kleine huisjes welke als "getimmer" aangeduid worden. Deze zijn dan met goedkeuring van de eigenaar van de grond (Marcel Hendrik van Buinink) door de smid en de timmerman gebouwd, de grond zal de naam Brinkerkamp hebben gehad en de huisjes kregen ook deze naam.

Mogelijk zijn deze al gebouwd in 1731: 23 April 1731 Verbant van Henrik Aloisius van Dorth.
Deze akte vermeld ” …. Een zesde part van Haitinkshof , een zesde part aan Reusink, een zesde part van het lant zo Henrik Gierman bouwt, als ook een zesde part in de stukken lants, zo den Custos Wolter Piekart en Lucas Wesselink bouwen…”.
 

Zie akte d.d. 6 april 1751 met omschrijvingen "Eigenaars Huijs, hof op Groterkamp, met het boerenhuijs, berg, schaapschot, schuure, met het geene daar bij is gehorende" en "Den Brinkerkamp daar den Smit en den Timmerman op woont". De smit is Albert en/of Jannes Braakman, de timmerman is waarschijnlijk Lukas Groot Wesselink die op 14 maart 1763 o.a. zijn timmergereedschappen afstaat aan Jan Teunissen Vroetman en Aaltjen Jansen Wesselink. Lukas en Geertjen hadden geen kinderen en mogelijk is Aaltjen een nichtje en is zij er al in 1755 met haar echtgenoot Jan Vroetman (ook timmerman) komen wonen en is de familie Braakman toen verhuisd naar Smid, een nieuw huis. Lukas is op 2 december 1763 overleden en de later ontstane boerderijnaam Lueks zal naar hem zijn vernoemd.


Peindinge akte: Den 22 Januari 1784, agtermiddag om 4 uuren deed de Volm. van de freulen Maria Catharina baronnesse van Dorth peindinge op en aan alle de gereede goederen, speciaal mede op en aan het getimmer of Huis, staende op den halven Brinkenkamp Willem Polman toestendig, onder Gorssel gelegen, ter consecutie eener somme per resto groot 101 glns. Bron, Scholtambt Zutphen, ORA 253, Gorssel dorp, folio 9.

 
1715-1755? Albert Braakman en Janna Janssen Eerste hoofdbewoners van dit overzicht, getrouwd in 1715 en mogelijk toen al wonende op Brinkerkamp
1748-1755? Jannes Alberts Braakman en Hendrina Velderman Jannes is de zoon van Albert en Janna
     
1720-1763 Lukas Groot Wesselink en Geertjen Hendriks Klein Bentink Eerste medebewoners van dit overzicht, getrouwd in 1718 en in 1720 aangenomen als lidmaten te Gorssel
1755- Jan Teunissen Vroetman en Aaltjen Jansen Wesselink Aaltjen is mogelijk een nichtje van Lukas
1772-1795 Willem Polman en Geertjen Vroetman Geertjen is de dochter van Jan en Aaltjen
1795-1800 Willem Rensink en Geertjen Vroetman Willem is de tweede echtgenoot van Geertjen, Geertjen is in 1800 overleden (Willem nog wel blijven wonen?)
1802-1835< Derk Jan Woertman en Aaltjen Polman Aaltjen is de dochter van Willem en Geertjen
1829<1831 Derk Velderman en Geertjen Woertman Geertjen is de dochter van Derk Jan en Aaltjen
     
  Huidig adres: Afgebroken  
     
 
 
Smid
 
Ook wel Smitshuis en Braakman genoemd. Hier is de smid Braakman komen wonen, mogelijk in 1755. In ieder geval na 1751 omdat de smid toen nog op Brinkerkamp woonde.

Den 4 Februari 1793. Albert Braakman en Elisabeth Slonninks kopen een stuk bouwland het Voelestuk genaamd, in het kerspel Gorssel.
4 December 1805. Albert Braakman koopt het bouwland Groote Brinkerkamp, met de daarbij behorende akkermaals heggen en brinkje, onder Gorssel.
23 Mei 1818. Jan Braakman koopt erve Klein Bentink in het dorp Gorssel. Hij is dan ijzersmid van beroep, in latere vermeldingen wordt hij meester-smid genoemd.
 
Gerrit Boschloo is geboren op 10 oktober 1887 op de Smid waar zijn ouders in 1882 zijn komen wonen.
Familie Boschloo
 
1755-1762 Albert Braakman en Janna Janssen Eerste hoofdbewoners van dit overzicht
1755-1783 Jannes Alberts Braakman en Hendrina ten Velde Jannes is de zoon van Albert en Janna
1780-1836 Albert Braakman en Elisabeth Slonnink Albert is de zoon van Jannes en Hendrina
1810-1873 Johannes Wilhelmus Braakman en Johanna ten Velde Johannes Wilhelmus is de zoon van Albert en Elisabeth
1873-1874 Antoni Martinus Braakman Antoni is de zoon van Johannes Wilhelmus en Johanna, ongehuwd
1874-1882 Hendrik Ziemelink en Willemina Lentink Geen familie van de vorige hoofdbewoner
1882-1932 Gerrit Boschloo en Gerritdina Ilbrink Geen familie van de vorige hoofdbewoners
1918-1947 Gerrit Boschloo en Wendelina Tuitert Gerrit is de zoon van Gerrit en Gerritdina
1927-1933 Johannes Wolter Rottink en Johanna Hekkert Pachters, dubbele bewoning
1933-1939 Familie Jansen  
1939-1976 Familie Pasman, twee generaties  
     
  Dubbele bewoning:  
     
     
1904-1907 Jan Adam Zandleven en Janke Piebes Piebenga  
     
     
     
 
 
Bongert
 

Ook wel de (Buinincks) Kolk genoemd, niet te verwarren met de Dappers Kolck. Eigenaar was de familie van Buininck en in een magescheid van 1751 wordt genoemd "Den Colk, boomgaardt, groot twee en een half schepel gezaaij, tientvrij".

In Deventer/Diepenveen ook een Kolk in de Lage Wetering onder Colmschate welke ook wel de Bongert wordt genoemd. Toeval of verband?

Perceel 500 op kadastrale kaart 1832, betreft schuur en erf en het huis is dan dus al afgebroken. Eigenaar is de smit Jan Braakman. Ongeveer de plek van de latere brandweergarage. Huisnummer 29a anno 1863.

 
In 1863 wordt er op de open plek een nieuw huis gebouwd welke vanaf 24 november wordt bewoond door het echtpaar Gerrit Jan Eenink en Johanna Derkjen Sarink en hun drie dochters die daarvoor in een ander huis aan de huidige Hoofdstraat woonden. Grote kans dat Gerrit Jan heeft meegewerkt aan de bouw van het nieuwe huis aangezien hij metselaar van beroep is. Een huisnaam is onbekend en zal niet de Bongert zijn geweest, deze is alleen van toepassing op het huis welke er in de 18e eeuw stond.

In hun nieuwe huis worden twee zoons geboren: Gerrit in 1865 en Hendrik in 1868. Van Hendrik zien wij hiernaast een foto, hij was later getrouwd met zijn achternichtje Harmina Everdina Eenink en woonde met haar in Warnsveld. Dat is de plaats waarnaartoe de familie Eenink op 4 februari 1869 ook verhuisde. Ze waren op 30 juni 1868 al vertrokken van de Bongert en woonden in de tussen liggende periode nog in weer een ander huis aan de Hoofdstraat.

In de periode 1864-1867 was er sprake van dubbele bewoning als het echtpaar Gerrit Mensink en Johanna Kieftenbelt er ook woont. Dubbele bewoning blijft daarna bestaan en het huis krijgt in 1890 twee huisnummers: 4 en 5. Anno 1951 wordt dat Hoofdstraat 14 en 16.
Hendrik Eenink
 
Tot 1870 stond het hele huis leeg aangezien er in die tijd ook geen medebewoners waren. De nieuwe hoofdbewoners zijn Hendrik Klaster Booiman en Margje Brink die op 15 maart 1870 hun intrek nemen.

Op 8 november 1876 wordt het huis bewoond door Engbert Jan Muil en Harmina Schoolderman. Zoon Gerrit trouwt in 1899 met Johanna Voupel en komt er dan ook wonen, Harmina is in 1897 overleden. Op 14 maart 1900 verhuizen Engbert met Gerrit en Johanna naar de Prins.
 
 
1680- Wolter Hendriks op den Bongert en Marrie Gerrits Eerste hoofdbewoners van dit overzicht
1704-1750 Willem Wolters op den Bongert en Trijntjen Harms Ilbrink Willem is de zoon van Wolter en Marrie
1742 Wolter Hendriks op den Bongert en Geertjen Hendriks Letink Wolter is een neef van Willem en Trijntjen en kleinzoon van Wolter en Marrie
     
1863-1868 Gerrit Jan Eenink en Johanna Derkjen Sarink Eerste hoofdbewoners van het nieuwe pand met huisnummer 29a
1870-1876 Hendrik Klaster Booiman en Margje Brink Geen familie van vorige hoofdbewoners
1876-1876 Garrit Hendrik Tichelman en Tonia ter Beek Geen familie van vorige hoofdbewoners
1876-1900 Engbert Jan Muil en Harmina Schoolderman Geen familie van vorige hoofdbewoners
1899-1900 Gerrit Muil en Johanna Voupel Gerrit is de zoon van Engbert Jan en Harmina
1900-1939> Johan Wiltink en Jantjen ten Have Geen familie van vorige hoofdbewoners
     
  Huidig adres: Hoofdstraat 16  
 
 
Wiltink
 
Het erf Wiltinck wordt reeds genoemd in 1436 en is dus erg oud. 06-08-1568: Missive van het Hof aan den Schout van Zutphen. Aan Jorien Wiltinck moet gelast worden ten behoeve van Herman Groll het goed Wiltinck onder Gorssel te ontruimen.
 

Hendrijk Roelofs Wiltink en Hendersken Gerrits op 't Have. Hendrijk en Hendersken woonden ook op 't Haar in Epse b.v. in 1699 maar woonden later weer op 't Wiltink. Hendrik woonde voor zijn trouwen al op Wiltink want wordt in een akte van 14-08-1689 al genoemd als Hendrick Roelofs,bouwman op Wiltinck in Gorssel. Na overlijden Hendrik woont Hendersken in Linde onder Vorden op boerderij Pelskamp. Waarschijnlijk heeft zij daarvoor ook nog op 't Ontijdink gewoond aangezien zij in 1725 genoemd wordt als "Hendersken ten Bosse wed. van Hendrik Wiltink". Hier woonde (eerder) ook haar zus Reijntjen die getrouwd was met Gerrit Claessen ten Bosch. Het is goed mogelijk dat Hendersken, mogelijk na het overlijden van Hendrik, heeft geruild met Albert Hendriks ten Busse en Hilleken Jansen die op 't Ontijdink woonden en omstreeks 1719 verhuisden naar 't Wiltink.

Hendrik Stenvert is op 1 november 1834 overleden. Jenneken Holterman bijft wonen op 't Wiltink met haar ongehuwde kinderen Albert, Jan Hendrik en Harmina. In 1837 overlijden zowel Jenneken als haar beide zoons. Dochter Harmina gaat wonen bij haar zus Hendrika op de Bloedkamp.

Het linkerhuis op de foto hiernaast is boerderij Wiltink. Deze boerderij is afgebroken en daarna zal het Wiltinkhof dichterbij de Hoofdstraat zijn gebouwd. Nieuwbouw van 't Wiltinkhof zal zijn geweest in 1900, maar niet zeker is of 't Wiltink al in 1900 is afgebroken. Wel zal 't Wiltink niet meer zijn bewoond want het huisnummer G7 gaat over naar 't Wiltinkhof. Wijsken Christina Eggink vertrekt op 27 februari 1900 naar Voorst met haar kinderen Albert, Hendrika en Philippina. Nieuwe hoofdbewoner van G7 is arts Frederik Pieter Schuitemaker die er op 28 december 1900 komt wonen. Maar is 't Wiltink toen blijven staan, want deze is in 1908 toch waarschijnlijk geschilderd door Jan Adam Zandleven?

 

Albert Teela en Gerritje Boschloo hebben op Wiltinkhof gewoond. Ze woonden aan de linkerkant. Meester van Riesen en later meester Geijtenbeek woonden aan de rechterzijde van het dubbel bewoonde huis. Het huis Wiltinkhof was eigendom van de kerk. Eerder was het huis eigendom van Johan Wiltink (van Bongert) die het in de periode 1925-1935 verhuurde aan de familie Smeenk die er woonde en een postkantoor had.

Tussen de plek van de oude boerderij Wiltink en Klein Bentink wordt een nieuw huis gebouwd welke later pension Juliana wordt genoemd. Deze is in de jaren '50 eigendom van Dikkers. Op de foto hiernaast staat nog geschreven pension weduwe JHW Lübkemann-Maijwald. Huisnummer G14>18. Dit betreft Cornelia Maijwald geb. 04-12-1849 te Leerdam.

Huis is gebouwd in 1895 en werd bewoond door Herman Brinkman en Maria Willemina Koldewe. Zij vertrekken op 1 april 1896 naar Deventer en het huis is daarna onbewoond. Pas in december 1900 komen er nieuwe bewoners en dat zijn Willem Gerhard Schut en Cornelia Vredeling, zij zijn afkomstig van Hofman welke dan zal zijn afgebroken en waarvoor Buitenzorg in de plaats zal zijn gekomen, deze lijkt qua bouw op pension Juliana.

 
 
  Wiltink  
........-1667 Jan Wiltink en Fije Roelofs Na het overlijden van Jan hertrouwt Fije met de koster Jan Beugel
1659-1689 Roelof Jansen Wiltink en Aaltjen Jansen Valcke Roelof is de zoon van Jan en Fije
1689-1719 Hendrijk Roelofs Wiltink en Hendersken Gerrits op 't Have Hendrik is de zoon van Roelof en Aaltjen
1719-1758 Albert Hendriks ten Busse en Hilleken Jansen Vaarneman Afkomstig van 't Ontijdink, verhuisd tussen 1717 en 1720
1747-1810 Hendrikus Jansen Leerink-Wiltink en Jenneken Wiltink Jenneken is de dochter van Albert en Hilleken
1781-1783 Albert Wiltink en Jenneken Holterman Albert is de zoon van Hendrikus en Jenneken
1784-1837 Hendrik Stenvert en Jenneken Holterman Hendrik is de tweede echtgenoot van Jenneken
1837-1857 Philippus Eggink en Aaltjen van Zeits Geen familie van vorige hoofdbewoners
1858-1886 Philippus Eggink en Hendrica Boom Hendrica is de tweede echtgenote van Philippus
1867-1900 Hendrik Jan Berenpas en Wijsken Christina Eggink Wijsken is de dochter van Philippus en Aaltjen en Hendrik Jan is de zoon van Hendrica en stiefzoon van Philippus
     
  Wiltinkhof  
1900-1905 Frederik Pieter Schuitemaker en Christina Louisa Petronella van Dijk Arts. Geen familie van vorige hoofdbewoners. Afkomstig van huisnummer 19, vertrekt naar huisnummer 23 = Haijtinkhof.
1906-1923 Christiaan Johannes Koppen Geen familie van vorige hoofdbewoners
1923-1925 Cornelis Hoorens van Heijningen en Maria Bouwmeester Cornelis is een neefje van Christiaan
1925-1935 Harmanus Smeenk en Gerritdina Brinkman Woonden met zekerheid op Wiltinkhof, niet Wiltink. Verhuisd in periode 1935 naar Hoofdstraat 59.
1936-1939 Pieter Herder en Weia Frederika Pottjegort Pieter is winkelier in huishoudelijke artikelen
1940-1948 Onbekend  
1948-1961 Albert Teela en Gerritje Boschloo Er woonde in 1952 ook een mej. G.J. Draaijer
1954-....... Bernardus Johannes Hulshof Is er gaan wonen tussen 1952 en 1956 en woonde later in de helft van de Peerdekate
     
  Pension Juliana  
1895-1896 Herman Brinkman en Maria Willemina Koldewe  
1900-1903 Willem Gerhard Schut en Cornelia Vredeling Afkomstig van Hofman
1903-1904 Geert Zandvoort en IJttje Tjerkstra  
1904-1905 Frederik Kreunen en Sophia Versteeg  
1905-1915 Jan Hendrik Lukkeman en Cornelia Maijwald Dochter Wilhelmina Sophia Johanna vertrekt in 1916
1916-1919 Jan Aibes van Kregten en Francisca Fransen  
1919-1920 Frans de Graaf en Anna Bijlsma  
1920-1955 Reint Willlem van Schooten en Janna Scheperboer  
1956-1961 Gerardus Hubertus van Issenhoven en Maria Berkenbosch Vertrekken naar Acaciaplein
1962-....... Familie de Voogd Laatste bewoners, hierna heeft het huis nog jaren leeggestaan voor afbraak
     
  Huidig adres Wiltink: afgebroken, stond nabij Hoofdstraat 17 (Wiltinkhof)  
 
 
Klein Bentink
 
Op 23 mei 1818 wordt het erve Klein Bentink voor 4560 gulden gekocht door Johannes Wilhelmus Braakman die zelf op de Smid woonde. Tot het erve Klein Bentink behoorde ook de Stalbrinkskamp "met den zesde waar in de Gorsselsche Marke en Weerden" welke werd gekocht door Arend Nikkels, bouwman op Haijtinkhof. In de hypotheekakte wordt het erve Klein Bentink beschreven als "daghuurders woning gequoteerd nummer 23, met twee landheerkamers, daar annex een schuur, twee hoven bij het huis, groot anderhalf schepel gezaaij, een kamp bouwland groot elf schepel gezaaij omgeven van een akkermaalsheg, belend oost aan voorschreven Stalbrinkskamp, zuid aan bouwland van Albert Braakman, west aan den Grotenweg, noord aan de Velderhofstraat, voorts nog twee en een vierde koeweide of negen tweeënvijftigste gedeelte van twee weiden den Hogenkluit en het Walleken op de Gorsselse weerden".
 
Albert Neuteboom: in het laatst der maand maart van het jaar 1771 in Gorssel overleden, in leeven daglooner,gewoond hebbende op Klein Bentink in gezegde gemeente Gorssel, begraven op het kerkhof van Gorssel.

Het huis wordt anno 1818 bewoond (gehuurd) door Aaldert Hoefman & Janna Dijkerman en later door zoon Gerrit Hoefman en diens echtgenote Geertjen van Hummel. Op 10 augustus 1842 verkopen Jan Braakman en echtgenote Johanna ten Velde (Groterkamp) aan Gerrit Dikkers en zijn vrouw Johanna Noteboom en vertrekken Gerrit Hoefman en Geertjen van Hummel naar Laren. Nadien wordt het huis als bakkerij gebruikt en ook wel Dikkers genoemd. Op 28 maart 1883 schenken Gerrit en Johanna het huis en erf aan zoon Willem die net als zijn vader bakker van beroep is. Op 3 oktober 1916 bouwen ze een nieuw huis aan de Hoofdstraat en verhuizen daarnaar toe.
 
Willem Harms Dijkerman is de jongere broer van Aaltjen Harms Dijkerman. Zij was getrouwd met Garrit Willems en uit dit huwelijk worden in 1745 en 1747 twee kinderen geboren, aangenomen op Klein Bentink. Het echtpaar zal er tot zeker 1757 hebben gewoond omdat toen de vader van Garrit er overleed. Willems Harms Dijkerman trouwde in 1761 met Jenneken Klaphekke en zij zijn toen mogelijk al op Klein Bentink komen wonen en waarschijnlijk woonden de ouders Jenneken er toen ook, zij woonden eerder op Klaphekke. Andere mogelijkheid is dat Willem zijn zwager Garrit Willems opvolgde. Hieronder wordt aangegeven dat Willem van 1774 op Klein Bentink woonde, hij woonde namelijk in de periode circa 1766 tot 1774 op Brinkman in de Eesterhoek. Willem woonde later op de Grote Muil.
 
1643-1667> Henderick Wessels op Kleine Bentinck en Anna Alberts Eerste hoofdbewoners van dit overzicht. Anna is zus van Lummeken Alberts die op Groot Bentink woonde.
1674 Henderick Wessels en Fenneken Jansen Bussink Fenneken is de tweede echtgenote van Henderick. Niet zeker of zij op Klein Bentink gewoond hebben, wellicht is Henderick na huwelijk verhuisd?
1678 Hendrik Willems Klein Bentink en Marrie Jansen Hendrik is afkomstig van de Peerdekate
1697    
1700-1724~ Jan Alberts van der Meij en Aeltjen Hendriks Klein Bentink Aeltjen is de dochter van Hendrik en Marrie
1745-1760< Garrit Willems en Aaltjen Harms Dijkerman  
1757 Willem Garrits bij Klein Bentink 10-01-1757 overleden. Alias Willem Gerrits op den Veller te Apeldoorn. Vader van Garrit Willems.
1757-1771 Albert Neuteboom en Garritjen Hendriks Afkomstig van Dijkerhof
  Jan Derksen Reuvekamp en Willemken Willemsen Klaphekke Afkomstig van Klaphekke
1761-1766 Willem Harms Dijkerman en Jenneken Klaphekke (Bennink) Mogelijk hebben de ouders van Jenneken er eerst gewoond (zie hierboven) ze waren dan afkomstig van 't Klaphekke
1766-1774 ?  
1774-1790 Willem Harms Dijkerman en Jenneken Klaphekke (Bennink) Afkomstig van Brinkman
1789-1832 Aeldert Hoefman en Janna Dijkerman Janna is de dochter van Willem en Jenneken
1822-1842 Gerrit Hoefman en Geertjen van Hummel Gerrit is de zoon van Aeldert en Janna
1842-1903 Gerrit Dikkers en Johanna Noteboom Geen familie van vorige hoofdbewoners
1883-1916 Willem Dikkers en Johanna Huusken Willem is de zoon van Gerrit en Johanna
1916-....... Gerrit Johannes Dikkers en Wendelina Arendina te Winkel Gerrit Johannes is de zoon van Willem en Johanna
     
  Tevens bewoond door:  
     
1797-1803 Jan Tankink en Henders Plaggert  
1803-1823~ Hendrik Pellenbarg en Henders Plaggert Hendrik is de tweede echtgenoot van Henders, zij is op 07-08-1823 overleden op Klein Bentink
1825-1844 Gerrit Jan Zomerhuis en Johanna Willemsen  
1844<1851 Hendrikus Draaijer en Hendrika Klein Baltink Het echtpaar woont anno 1851 op den Oldenhof
     
     
     
 
 
Kerkenstede
 

Wellicht is de kerkenstede afgebeeld in de PDF in mijn archief. Eerst zeker stellen dat dit de kerk van Gorssel is.

12-07-1725: Erfkoop aan Jacob Hendriks of Kerkenmeijer en Aaltjen Berents zijn huisvr. 5/6 part uit het goed de Vosstede in Gorssel. Andere 1/6 part wordt gekocht (via de diaconie) van Harmen Wolters Beunk: SAZ 0338-236,17-7-1725
Arent Ilberink en Jan Roskam als opsieners van de diaconie van Gorssel
voor 300 gld voor de schulden van 5-10-1709 en 25-10-1721
ten laste van Harmen Boink en Fijtjen Roelofs hebbe verkregen op en aan 't goetjen de Vossstede en Vosstuck in Gorssel
verkocht aan Jacob Hendriksen Kerkmeijer

 
Deze foto is gemaakt nadat de kerk in 1928 is verbouwd. Op de foto staan 20 personen waaronder veel Eesterhoekers. Hieronder de namen van de personen waarvan de personen 1 t/m 12 staan en de personen 13 t/m 20 zitten.
1. Johannes Jacobus van Velden hoofd der school (Christelijk)
2. Johan Gerrit Boschloo landbouwer op ’t Dijker
3. Hendrik Jan Wiltink landbouwer op ’t Reins
4. Gerhard Johan Peters landbouwer op de Bloedkamp
5. Carel Roeterdink landbouwer en kassier op Ruimzicht
6. Hendrik Makkink landbouwer op ’t Wolferink
7. ?
8. ?
9. Johan Gerrit Jan Remmelink huisarts
10. Johan Daniël Christiaan Ras hoofd der school (Vullerschool)
11. Dirk Jan Stegink(?) landbouwer op ’t Nijveld in Epse
12. Pieter Smith koster en schoenmaker
13. Albert Boschloo landbouwer op ’t Boschloo
14. Willem Hendrik Makkink landbouwer op ’t Walle
15. Jan Albert Wichers timmerman
16. Gerrit Jan Tuitert landbouwer op ’t Nieuwe Klaphekke
17. Joan Lodewijk Gerhard Gregory dominee
18. Johan Willems landbouwer op de Prinsenhof
19. Derk Jan Steging(?) landbouwer op ’t Loo
20. Gerrit Tuitert landbouwer op de Grote Muil
 
1659 Gerrit aen de Kerke Gerrit Peters Groterkamp?
1659-1663> Willem op de Kerkenstede Wilm Berentsen (Kercken Meijer anno 1649)?
.......-1672 Jacob Gerrits Groterkamp>Kerckenstede en Beerentjen Wolters Afkomstig van Groterkamp, zoon van "Gerrit aen de Kerke"?
1672-1680 Jan Frederiks Berghege>Kerkenstede en Beerentjen Wolters Jan is de tweede echtgenoot van Beerentjen
1680>1713 Jan Frederiks Kerkenstede en Trijntjen Jans Trijntjen is de derde echtgenote van Jan
1702-....... Derk Henderiks Kerkenmeijer en Aaltjen Jansen Kerkenstede Aaltjen is de dochter van Jan en Trijntjen
     
     
     
 
 
Kosterie
 
Schoolmeester in 1640 is Jan Duim.

Verpondingskohier 1646: Dese plaatse gebruijck de Coster voor sijn dienst. Is in 1764 afgebrand waarmee registers van overlijden of begraven lijken verloren zijn gegaan. De koster was ook schoolmeester en de school was aan zijn huis gevestigd. Het schilderij hierboven dateert van ongeveer 1850 en de witte woning is de Kosterie annex school. Rechts staat de Roskam en links het erve Klein Bentink en de kerk.

Anno 1725, Den 6 Decemb. Is, ten overstaen van de Heeren Inspectoren Laur. Le Brun en Antonius Christiaens V.D.M. in Zutpheen en Warnsfeldt, met eenpaarige stemmen tot voorsanger en schoolmeester verkoosen Wolter Roelofs Pickardt.

Willem van der Meij wordt in 1792 benoemd als onderwijzer en krijgt in 1830 ontslag wegens doofheid, maar hij is dan ook al 68 jaar oud. Hij is op 25 juli 1835 overleden op het erve Olthof.
 
  Johan Beugel en Eva Lessenich Eerste hoofdbewoners van dit overzicht
1667- Johan Beugel en Fije Roelofs Fije is de tweede echtgenote van Jan, zij is afkomstig van 't Wiltink
1713 Jan Nest en Maria Beugels Maria is de dochter van Johan en Eva en wordt in 1713 geregistreerd aan de custos huijs
1725-1763 Wolter Roelofs Pickardt en Hendersken Wolters Beunk  
1763-1765 Jan Wolters Pickardt Jan is de zoon van Wolter en Hendersken
1766-1778 Hendrik Hendriks van Hummel en Hendrikjen Hendriks Balkenbroek Het echtpaar is afkomstig van Diepenveen (Linde)
1778-1789 Hendrik Hendriks van Hummel en Lubbertjen Harms van Essen Lubbertjen is de tweede echtgenote van Hendrik
1792-....... Willem van der Meij en Antonetta Bemers  
~1833-...... Johannes Hubertus van Westendorp en Charlotta Gijsberdina Bessem Huisnummer 1 anno 1841 en 1866
     
     
 
Nieuwe Pastorie
 
 
 
1842-1868 Joächimus Coops Afkomstig van de Oude Pastorie in de Eesterhoek
1869 Adam Jan Philip Winold de Wilde en Christina Paulina Paré Huisnummer 2 anno 1866
1883 Hajo Uden Thoden van Velzen en Geertrui van Beijma  
     
1931-........ Jan Hendrik Cornelis Kamsteeg en Hendrika van Hoeve  
 
Roskam
 
De oorspronkelijke naam is waarschijnlijk Stalbrinck welke al in de pondschatting van 1494 wordt genoemd en in 1381 al bestond onder de naam Stalbrynck. De naam kan zijn ontstaan door de stal welke werd gebruikt voor het stallen van de paarden van de bezoekers die in de herberg verbleven. De stal die op de brink van het dorp stond ... Stalbrink dus. Een roskam werd gebruikt in de stal bij het "poetsen" van de paarden. In het verpondingskohier van 1646 wordt de naam Stalbrinck opnieuw genoemd en ontbreekt de naam Roskam waardoor het nog aannemelijker wordt dat hiermee de Roskam wordt bedoeld welke toen al zeker bestond. Bij de naam Stalbrink wordt dan 't Capittel geschreven en daarmee kan zijn bedoeld dat deze het voornaamste erve was in de marke Gorssel zoals 't Wolferink dat was in de marke Eschede.
 
Roskam oud

In 1632 dronken de markegenoten van de marke Gorssel namelijk een beker wijn bij "Hasken Franken in De Roskam" op het zojuist genomen besluit om de kerktoren ‘met tien voet’ te verhogen, zo blijkt uit een rekening van dat jaar. De vergaderingen van de marke Gorssel werden hier gehouden, soms gecombineerd met die van de marke Eschede die meestal op de Muil in de Eesterhoek vergaderde.

Op 17 april 1718 doet Jan Stevens Brink modo Roskam belijdenis. Dat is nog een naamsverband tussen Stalbrink en Roskam, hierna wordt eigenlijk alleen de naam Roskam nog maar gebruikt. De laatste keer dat het erve Stalbrink en de erfgenaam werd genoemd in het markeboek van Gorssel was in 1724. Zo rond 1720 heeft er dus een naamwijziging plaatsgevonden. Mogelijk heeft de toenmalige bewoner zich meer toegelegd op het ontvangen van passanten en was het nodig om beter zichtbaar te worden: Daar waar De Roskam uithangt.

Jan was getrouwd met Aaltjen Alberts Roeterdink en woonde eerst met haar op 't Roeterdink en omstreeks 1715 zullen zij zijn verhuisd naar de Roskam. Jan wordt ook wel Bleeckman en Franke genoemd.

Op 4 augustus 1731 trouwt zoon Willem met Willemken Gerrits Franken en de kans is groot dat de bruiloft in de Roskam werd gehouden zoals het later nog veel vaker in Gorssel zou gebeuren. Het stel woont eerst in de Roskam maar verhuist voor 1736 naar 't Olthof.

 
Op 24 augustus 1744 trouwt dochter Maria met Willem Jansen van der Meij die op 't Klein Bentink woonde. Vader Jan maakt dit keer het feest niet meer mee, hij is al voor 1737 overleden. Hij maakt dus ook niet meer mee dat uit dit huwelijk tien kleinkinderen zijn geboren. Op 23 oktober 1751 draagt Aaltjen de Roskam (het huis in Gorssel alwaar de Roskam uithangt) en een stuk land in den Gorsselsen Enk over aan Willem en Maria onder het beding dat zij "haar leven lang zouden verpleegen in kost, drank, klederen als anders, voorts na haar doot, laten toekomen een eerlijke begravenisse". Op 30 april 1755 staan hun namen vermeld in een hypotheekakte en stellen zij als onderpand hunne erve en goed de Roskam bestaande uit huis, schuur en hof.

Op 10 oktober 1791 wordt in een erfmagescheid akte de Roskam (huis en hof) nagelaten aan zoon Jan. In deze akte worden verder alleen nog de namen van de zonen Hendrik en Willem (later wonende op de Kosterie) genoemd. De andere zeven kinderen van Willem en Maria zijn dan al overleden, de meeste op zeer jonge leeftijd. Zoon Albert is nog wel 36 jaar oud geworden, hij overleed in 1783. Dat jaar overleed ook moeder Maria, mogelijk zijn zij beiden overleden aan dysentrie waarvan dat jaar een epidemie heerste en veel slachtoffers maakte in Gorssel, met name in het dorp. Op welke datum vader Jan is overleden is niet duidelijk maar dat is dus wel voor 10 oktober 1791 geweest.

Roskam nieuw


Jan Willem van der Meij 1808
Jenneken Wansink

Jan Willem, die meestal Jan wordt genoemd, trouwt op 13 november 1791 met Hendrika Hassink. Hij is de tweede generatie Van der Meij op de Roskam en er zouden er nog vier volgen.

Op de foto hiernaast zien wij hun zoon Jan Willem van der Meij en diens echtgenote Jenneken Wansink.

Vanaf hun huwelijk op 20 januari 1814 wonen ook Philippus Dommerholt en Maria van der Meij op de Roskam. Tussen 1831 en 1836 stichten zij een nieuw huis genaamd de Nieuwe Roskam.

 
1632 Hasken Franken in de Roskam  
     
1715-1769< Jan Stevens Roskam en Aaltjen Alberts Roeterdink Het echtpaar is waarschijnlijk afkomstig van Roeterdink en woont later misschien op Frankenstede
1731-1736< Willem Jansen Roskam en Willemken Gerrits Franken Willem is de zoon van Jan en Aaltjen
1744-1791 Willem Jansen van der Meij en Maria Jansen Franke Maria is de dochter van Jan en Aaltjen en zus van Willem
1791-1850 Jan Willem van der Meij en Hendrika Hassink Jan Willem is de zoon van Willem en Maria
1837-1893 Jan Willem van der Meij en Jenneken Wansink Jan Willem is de zoon van Jan Willem en Hendrika
1893-1930 Willem van der Meij en Jenneken Nuesink Willem is de zoon van Jan Willem en Jenneken en trouwde op 29-07-1897 met Jenneken
1929-1961 Jan Willem van der Meij en Hendrika Johanna Goldstein Jan Willem is de zoon van Willem en Jenneken
     
     
 
 
Hofman
 

Hofman is waarschijnlijk de boerderij links op de foto hiernaast. In de achtergrond is de Morrenhof te zien en op de voorgrond staat Gerritje Boschloo van ’t Braakman.

Hier woonden anno 1815 de families van der Meij en van Loo. Laatstgenoemde was schoenmaker.

Gerrit Dijkerman en Aaltjen Klaphekke woonden er ook, zij zijn er overleden in resp. 1821 en 1824.

Anno 1861 heeft het erve Hofman huisnummer 27 en wordt het door drie gezinnen bewoond. In 1866 wijzigt het huisnummer naar 45.

Jan Hendrik Schutte en Maria Dommerholt woonden in op Hofman op huisnummer 45-2. Hier overlijden zij in resp. 1874 en 1871. In 1875 komen Lambertus Antonij Riesz en Cäcilia Adriana Leopoldina Abrahams in het gedeelte van deze woning wonen. Zij verhuizen september 1886 naar een nieuw huis met huisnummer 12a.

Na overlijden van Jan Johannes Rensink en Henrietta Johanna Catharina Bolderman in 1881 wonen op huisnummer 45 nog dochter Aleida Carolina Rensink en onderwijzeres Maria Janna Wilhelmina Bettinck die op 25 januari 1883 verhuist naar 't Hage.

 
  Huisnummer 19>27>45>19>25>afgebroken  
1780-1798 Hendrik Berentsen van der Meij en Willemina Jansen Klaphekke Aangenomen dat Hendrik tijdens zijn eerste huwelijk ook op Hofman woonde, Hendrik Hofman anno 1784
1799-1837 Hendrik Berentsen van der Meij en Jenneken Holtslag Jenneken is de tweede echtgenote van Hendrik
1820-1824 Derk Jan van der Meij en Aaltjen Frederika Westerhuis Derk Jan is de zoon van Hendrik en Willemina
1825-1851 Derk Jan van der Meij en Hermina Boom In 1851 woonachtig op huisnummer 11a samen met zoon Jan Albert van der Meij, tolgaarder (die later naar 11c verhuist)
1851-1852 Harmen Kolkman en Willemina van der Meij Harmen is in 1852 overleden op huisnummer 8c2 = Hoofdstraat
1852-1881 Jan Johannes Rensink en Henrietta Johanna Catharina Bolderman Winkelier
1890-1890 Margaretha Döderlein De Win geb. Poland  
1890-1893 Carel August Constantinus Scheffel en Hendrina Kamphorst  
1893-1895 Hendrik Osheer en Hermanna Flim  
1895-1900 Willem Gerhard Schut en Cornelia Vredeling Het echtpaar verhuist op 28 december 1900 naar Pension Juliana aan de Hoofdstraat
     
  Huisnummer "19-2">27-2>45-2>18>24>30>38>53>51>Groeneweg 3 Buitenzorg  
1811-1815 Harmanus Fredrik van Loo en Catharina van Eksteen Zij komen uit Zutphen en verkopen op 28-06-1811 een huis en stal aldaar
1814-1818~ Antonij van Loo en Johanna Tolhuis Antonij is de zoon van Harmanus en Catharina. Schoenmaker. Registratie OA 1814 (Jenneken Holtslag) en PO 1815.
1818-1824 Garrit Harms Dijkerman en Aaltjen Jansen Klaphekke Aaltjen is de schoonzus van Hendrik van der Meij. Registraties in 1821 (OA+PO) en 1824 (OA)
.......-1874 Jan Hendrik Schutte en Maria Dommerholt Het echtpaar woont anno 1839 nog in Deventer. Registratie in Gorssel pas vanaf BR 1861.
1875-1886 Lambertus Antonij Riesz en Cäcilia Adriana Leopoldina Abrahams Zij komen op 30 april 1875 vanuit Brummen en "verhuizen" op 12 mei 1875 van huisnummer 45 naar 45-2 (zal foutief op nummer 45 zijn ingeschreven) 
1886-1891 Willem Boeije en Pieternella Omon Rijksveldwachter. Het echtpaar woonde eerst tijdelijk in op 't Wiltink vanaf 2 maart 1886 en vanaf september 1886 op Hofman.
1891-1894 Frans Lenselink en Garritjen Bruggink Schilder 
1894-1896 Gerrit Jan Schut en Harmina Berendina ten Hake Veldwachter
1896-1898 Henriëtte Wilhelmina Beijerink  
1898-1900 Gerarda Hendrina de Kruijff Woonden eerder aan de overkant in een huis bij de Oldenhof wat na 1898 de schuur van de Oldenhof werd
1900-1901 Christiaan Hendrik Hammes Kunstschilder. Woont er van 15 mei 1900 tot 21 juni 1901, zal laatste bewoner van Hofman zijn geweest. Maar hij maakte in die periode ook een lange reis door Spanje.
1901-1903 Dirk Nicolaas Woldringh en Elizabeth Johanna de Bruijn Wijnhandelaar. Vanaf 18 juni 1901, waarschijnlijk eerste bewoners van het nieuwe huis Buitenzorg
1903-1906 Jan Anthonie Kroef en Anna Elisabeth Jarman  
1906-1935 Hendrik Jan Ezerman en Kato Wiltink  
1922-1974 Herman Gerrit Egbert Dijkerman en Tonia Berendina Bokhorst Herman Gerrit Egbert is een neefje van Hendrik Jan en Kato
     
  Huisnummer 27-3>45-3>vervallen  
1861-1863 Dirk Lamers en Pieternella Catharina Rotteveel  
1863-1864 Gerrit Esmeijer en Mechelina Johanna Helmink Rijksveldwachter, maar eerder nog schoenmaker van beroep.
1864-1865 Christiaan Gosewinkel en Quirina Johanna Stoel  
1865-1865 Ferdinand IJske  
1866-1868 Reinier Wolfskeel en Johanna Catharina Bolderman Gehuwd in 1867, Johanna Catharina woonde eerst alleen en is een nichtje van Henrietta Johanna Catharina Bolderman
1870-1872 Hendrika Buitenweerd Weduwe van Jan Willem van der Meij
1872-1874 Maria Elisabeth Lankkamp - de Jong  
     
 
 
Buitenzorg
 
Bewoond door Hendrik Jan Ezerman en Kato Wiltink die op 1 december 1900 de eerste steen legde. Zij woonden bij de school in Epse (waar Hendrik Jan hoofdonderwijzer was) en verhuisden pas in 1906 naar Gorssel.
 
     
 
 
Nijhuis
 

Ook wel Nieuw Morrenhof genoemd. Straalman, Brummelman en Wunderink waren kleermakers. Op de Morre woonde eerder ook een kleermaker (snijder).

Zie ook artikel Ons Markenboek 2006.

 
     
1693 Bartelt Bartelts bouman op 't Niuhuijs en Jenneken Wijchers  
.......-1815 Willem Greeve en Francina Baantjen Francina is er overleden op 21-01-1815
1813-1863 Gerrit Straalman en Jenneken Boerstoel  
1835-1840 Hendrik Brummelman en Fredrika Straalman Fredrika is de dochter van Gerrit en Jenneken
1841-1869 Hendrik Brummelman en Geertrui Ilbrink Geertrui is de tweede echtgenote van Hendrik; zij vertrekken naar Hoofdstraat 47 (Hekkelman~)
1869-1871 Jan Willem Eekhuis en Antjen Hekkert  
1871-1895 Hendrik Brummelman en Geertrui Ilbrink Komen terug van Hoofdstraat 47
1883-1910 Johan Brummelman en Johanna Ilbrink Johan is de zoon van Hendrik en Geertrui, ze verhuizen van huisnummer 21>27 naar 21a>26 is het nieuwe Nijhuis
1899-1901 Arend Johannes Gerrit Berend Nikkels en Garritjen Woessink Het echtpaar woont kort in het oude Nijhuis, daarvoor en daarna wonen zij in Eefde
1910-1926 Derk Jan Wunderink en Christina Gerdina Hietbrink  
1927-1928 Derk Jan Wunderink en Aaltjen de Kogel Aaltjen is de tweede echtgenote van Derk Jan, verhuist naar Groeneweg 7
1928-1952> Fredrik Jan Eggink en Gerritjen Mulder  
     
  Huidig adres: Groeneweg 11  
 
 
Buitenkamp
 

Eerste bewoners zijn Jan Karel Tuitert en Gerritdina Susanna Nikkels die van 't Haijtinkhof afkomstig zijn en op 16 januari 1905 op de nieuwe boerderij komen wonen. Ook Derk Willem Tuitert, vrijgezelle broer van Jan Karel, komt mee. Er waren geen kinderen.

De broers woonden met hun ouders tot februari 1895 op Buitenkamp in Epse waar ze allebei ook zijn geboren, vandaar dat hun nieuwe boerderij in Gorssel ook de naam Buitenkamp kreeg. Later wordt de boerderij echter ook Westhoeve genoemd. In 1930 verhuizen de gebroeders met Gerritdina naar de Joppelaan waar Jan Karel overlijdt op 3 mei 1931.

Eén jaar en één dag eerder, op 2 mei 1930, stappen Gerrit Willem Dijkerman en Bertha Johanna Aalpol in het huwelijksbootje. Gerrit Willem gaat dan werken als zetbaas op Buitenkamp. Niet helemaal duidelijk is wie de eigenaar is, maar waarschijnlijk is dat Hendrik Jan Ezerman van Buitenzorg die de broer van de oma van Gerrit Willem is. Maar er wordt ook gesteld dat de familie Tuitert van de Nieuwe Klaphekke de eigenaars zouden zijn. Lang betaalt Gerrit Willem in ieder geval geen pacht want na een paar jaar verhuist hij naar het boerderijtje Veldzicht in Joppe waar hij zelfstandig kan boeren wat hij veel liever doet. Op de Dijkerman pagina is te lezen hoe het Gerrit en Bertha daar verder vergaat en zijn veel foto's van dit echtpaar en hun kinderen te zien.

 
Nieuwe hoofdbewoners zijn Arend van den Vlekkert en Harmke Leunk die van de Morrenhof komen en hun foto is bij het verhaal van deze boerderij te vinden. Het echtpaar woonde er van 1932 tot 1963. In die tijd stelden zij de deel van de Buitenkamp beschikbaar voor repetities van de Gorsselse boerendansers. Meerdere kinderen met partners van het echtpaar waren lid van deze vereniging zowel voor als na de oorlog. De foto hiernaast is waarschijnlijk gemaakt tijdens een repetitie net na de oorlog.

In die tijd had de boerderij huisnummer G57 welke in 1951 wijzigde naar Groeneweg 6. Tegenwoordig is de boerderij gelegen aan de Westronde.

 
1905-1930 Jan Karel Tuitert en Gerritdina Susanna Nikkels Afkomstig van Haijtinkhof
1930-1932 Gerrit Willem Dijkerman en Bertha Johanna Aalpol Geen familie van vorige hoofdbewoners
1932-1963 Arend van den Vlekkert en Harmke Leunk Afkomstig van Morrenhof en vertrekt daar ook weer naartoe
     
  Huidig adres: Westronde 12  
 
 
Morrenhof
 

Ook wel 't Norden, de Nordenstede, Morrenstede, Mordenhof/Morderhof, de Morre en Peuse genoemd. Mogelijk was Egbert Morre daarvan eigenaar. Hij wordt in 1673 genoemd met echtgenote Anna Judith van Tellichuysen hun tiende gedeelte van 't Gier verkopen. In 1624 wordt de boerderij nog gekocht door Gerrit Alberts op Smeenk en zijn huisvrouw Mechtelt Haskes en als zij elkaar in 1625 begiftigen wordt melding gemaakt van "een hofstede eertijds de Morrenhoff geheten".

Henderick Janss op 't Norden en Harmken Gerraets Groot Loeinck zijn de eerste hoofdbewoners die we gevonden hebben. Harmken is geboren in Harfsen op Groot Leunk (Loeinck) en woonde voor haar huwelijk waarschijnlijk op de Grote Muil bij haar broer Gerrit. Andere broer Jan woonde op de Borghte en zus Fenneken op 't Smeenk dus allemaal mooi in de buurt. Harmke haar oorspronkelijke achternaam was dus eigenlijk Leunk en bijzonder is dat we aan het einde van de bewonersgeschiedenis van de boerderij opnieuw een Harmke Leuk hebben! Haar komen we straks tegen, eerst nemen wij afscheid van Harmken die omstreeks 1661 zal zijn overleden. In 1662 hertrouwt Hendrerick met Lijsabet wiens achternaam wij niet kennen maar haar patroniem zou Lubberts kunnen zijn.

   
 

Lidmaten 1713: Garrijt Janssen en Aaltjen, ehel. + Jan Garrijts en Geesken, eheluijd. beijde op den Morrenhof

In 1744 is er sprake van dubbele bewoning als ook een andere Hendrik Jansen "van den Morderhoff" met zijn echtgenote Harmken Jansen op de boerderij woont. Dubbele bewoning is er vaker voorgekomen waarbij de bouman (landbouwer) de hoofdbewoner lijkt te zijn en de kleermaker de medebewoner.

Oktober 1747 is een rampmaand voor de bewoners Morrenhof. Op 10 oktober overlijdt Geesken Hendriks Steege dan genoemd Geesken Morrenhof. Ze wordt begraven op 13 oktober maar dezelfde dag overlijdt haar 10-jarige kleinzoon Garrit die gelijk met zijn oma begraven wordt. En dan overlijdt de volgende dag kleindochter Aaltjen, zij wordt maar 5 jaar oud. Het lijkt erop dat er een ongeluk moet zijn gebeurd op de boerderij, misschien is er brand geweest?

Arend van den Vlekkert en Harmke Leunk
 
1652-1662 Henderick Janss op 't Norden en Harmken Gerraets Groot Loeinck Eerste hoofdbewoners van dit overzicht
1662-1687 Henderick Janss op 't Norden en Lijsabet Lijsabet is de tweede echtgenote van Henderick  
1688-1689 Jan Willems Perecate op Morrenhof en Enneken Gerrits Klaphekke Geen familie van vorige bewoners
1690-1693 Berent Hendericks bouman op ’t Norden en Gerritjen Jacobs Geen familie van vorige bewoners
1694-1695 Bartelt Hendericks bouwman op 't Norden en Egbertjen Tonnis Geen familie van vorige bewoners
1696-1700 Garrit Jansen en Gijsberta Hermsen Geen familie van vorige bewoners, afkomstig van Haijtinkhof
1700-1713> Garrit Jansen en Aaltjen Berents Geen familie van vorige bewoners
1705-1769< Jan Garrits Morrenhof en Geesken Hendriks Steege Jan is de zoon van Garrit en Gijsberta
1735-1753 Hendrik Jansen Morrenhof en Geertjen Alberts Sonnenberg Hendrik is de zoon van Jan en Geesken
1753-1780~ Hendrik Berents Smeenk en Geertjen Alberts Sonnenberg Hendrik is de tweede echtgenoot van Geertjen en was al haar zwager
1774-1777 Roelof Hendriks Peusse-Morrenhof en Garritjen Hendriks Morrenhof Garritjen is de dochter van Hendrik en Geertjen
1778-1796 Roelof Hendriks Morrenhof en Christina Vroetman Christina is de tweede echtgenote van Roelof
1797-1824 Garrit Jan Klein Lenderink en Christina Vroetman Garrit Jan is de tweede echtgenoot van Christina
1821-1831 Harmanus Peuse en Zwaantjen Maatman Harmanus is de zoon van Roelof en Christina
1832-1879 Gerrit Jan Leunk en Hendrika Elisabeth Peuse Hendrika Elisabeth is de dochter van Harmanus en Zwaantjen
1860-1905 Harmen Leunk en Jantje Tuitert Harmen is de zoon van Gerrit Jan en Hendrika Elisabeth
1894-1908 Gerrit Jan Leunk en Hendrika Voortman Gerrit Jan is de zoon van Harmen en Jantje
1909-1932 Jacob Jacobs en Hendrika Voortman Jacob is de tweede echtgenoot van Hendrika (Hendrika verhuist naar Groterkamp)
1918-1932 Arend van den Vlekkert en Harmke Leunk Harmke is de dochter van Gerrit Jan en Hendrika (het echtpaar verhuist naar Buitenkamp/Westhoeve)
1932-1952 Anton Broijl en Alberdina Hendrika ter Welle Geen familie van vorige hoofdbewoners
1952-1963 Berend van den Vlekkert en Betsy Toorneman Berend is de zoon van Arend en Harmke
1963-1979 Arend van den Vlekkert en Harmke Leunk Arend en Harmke zijn de ouders van Berend en waren eerdere hoofdbewoners
     
  Huidig adres: Groeneweg 4  
 
 
Haijtinkhof
 
De Haytinkhof was eigendom van Jan van Hattinge, een rijke koopman uit Amsterdam. Hij koopt deze voor zijn dochter Jenneken Jans die trouwde met Peter Francken. Jan was getrouwd met Magdalena Mildring en Maria Becker en nog voor het 2e huwelijk met Maria in 1636 verkregen zijn vijf kinderen al hun erfdeel waarmee de Haytinkhof eigendom werd van Jenneken.
 

18.04.1686 Den 18 april - Lucas Berents en Eva Hendericks inwoonder bij den Snijder hare tweelingen GARRIT en BERENT laeten doopen. Compatres pater infantum, Gerrit Janssen, Willemken Hendericks. Dus dubbele bewoning. In 1688 trouwen en Tonis en Geesken en gaan we ervan uit dat Gerrit en Gijsberta toen nog niet naar de Morrenhof zijn vertrokken en dat Lucas en Eva plaats hebben moeten maken voor Tonis en Geesken.

In voorjaar 1762 overlijden Wilent, zijn echtgenote Geesken en dochter Janna.

Willem Bartels op Haijtinkhof woont anno 1803 nog op Haijtinkhof volgens Markeboek Gorssel. Zijn broer Hendrik woonde op 't Ontijdink.

Arend Nikkels koopt op 23 mei 1818 de bouwland Stalbrinkskamp "met den zesde waar in de Gorsselsche Marke en Weerden" welke toebehoorde aan het erve Klein Bentink. Dit land was gelegen oost aan bouwland van de erve Reuvekamp, zuid aan een akkermaalsbos van de erve Groterkamp, west aan den kamp van Klein Bentink en noord aan de Velderhofstraat.

Huisnummer 4 anno 1866. Op 9 januari 1872 verhuurd Jan Willen Nikkels het Erve "Haijtinkhof" onder Gorssel aan Gies Jan Willemsen. Jan Willem was eigenaar van het Haijtinkhof en ook van het Elf Uur.

 
Februari 1895 krijgt Haijtinkhof een nieuwe hoofdbewoner met Derk Jan Tuitert, weduwnaar van Willemina Nikkels dochter van Arend Nikkels en Gerritjen Brinkman. Derk Jan en Willemina woonde na hun huwelijk in 1854 waarschijnlijk ook al een paar jaar op Haijtinkhof en woonde daarna op Buitenkamp in Epse waar Willemina in 1892 is overleden. Derk Jan komt met zijn zoons Derk Willem en Jan Karel en diens echtgenote Gerritdina Susanna Nikkels, dochter van Jan Willem Nikkels en Marianna Graeuwert. Derk Jan overlijdt op 21 oktober 1898 en zijn twee zoons en schoondochter verhuizen op 16 januari 1905 naar een nieuwe boerderij in Gorssel die ook de naam Buitenkamp krijgt.
 
1640- Peter Goossen Francken en Jenneken Jansen van Hattinge Mogelijk woonde het echtpaar (ook) op Franckenplaats
1678-1696 Gerrit Jansen op den Haijkinckhoff en Gijsberta Hermsen Gerrit is de broer van Jenneken, hij woont later op Morrenhof en woonde eerder op de Kolck
1688- Tonis (Antonius) Peters op den Haijkinck hof en Geesken Berents Holterman Tonis is de zoon van Peter en Jenneken en neef van Gerrit
1729-1762 Wilent Garrijts en Jenneken Tonis op den Haijtinkhof Jenneken is de dochter van Tonis en Geesken
1756-1762 Willem Bartels Hiddink op Haijtinkhof en Janna Wilens Haijtinkhof Janna is de dochter van Wilent en Jenneken
1762-1775 Willem Bartels Hiddink op Haijtinkhof en Willemina Hendriks Horsman Willemina is de tweede echtgenote van Willem
1775-1803> Willem Bartels Hiddink op Haijtinkhof en Jenneken Hendriks Brinkhuis Jenneken is de derde echtgenote van Willem
1808-1829 Arend Nikkels en Willemina Laarhuis Willemina is de tweede echtgenote van Arend, wellicht woonde hij er ook met eerste echtgenote Gesina Smeenk? 
1829-1844 Arend Nikkels en Gerritjen Brinkman Gerritjen is de derde echtgenote van Arend
1845-1861> Lammert Tuitert en Gerritjen Brinkman Lammert is de tweede echtgenoot van Gerritjen
1868-1872 Jan Willem Nikkels en Marianna Graeuwert Afkomstig van Elf Uur, vertrekt naar Elf Uur
1872-1878 Gijsbert Jan Willemsen en Derkjen Gerrits Vertrekt naar Grooterkamp
1878-1895 Jan Willem Nikkels en Marianna Graeuwert Afkomstig van Elf Uur, Jan Willem vertrekt wederom naar Elf Uur (nieuw huisnummer 75)
1895-1905 Jan Karel Tuitert en Gerritdina Susanna Nikkels Gerritdina Susanna is de dochter van Jan Willem en Marianna
1905 Frederik Pieter Schuitemaker en Christina Louisa Petronella van Dijk Afkomstig van 't Wiltinkhof.
     
 
Elshof
 
Ook wel Oldenhof genoemd. Afgebrand tijdens de kermisviering in 1861. Ook Haijtinkhof brandde toen af, maar werd herbouwd. Jan Hendrik Draaijer woonde na zijn huwelijk op Klumper op de Eesterbrink.
 
     
     
1790-1840 Arend Zandscholten en Kunneken van Hummel  
1838-1847 Jan Zandscholten en Geertjen Hendriksen Jan is de zoon van Arend en Kunneken
1848 Hendrikus Draaijer en Hendrika Klein Baltink Afkomstig van Klein Bentink
1848 Jan Hendrik Draaijer Jan Hendrik is de broer van Hendrikus en woonde er waarschijnlijk ook al in 1848
1850 Harmen Kolkman en Willemina van der Meij Huisnummer 4-2 (dubbele bewoning)
     
  Huisnummer 5 anno 1866, maar geen bewoning  
     
     
 
 
Olthof
 
Ook wel Oldenhof genoemd. Hendrika Buitenweerd woonde volgens het bevolkingsregister anno 1861 op de Groote Haar bij de familie Klinkhamer.
 
     
1725 Jan Jansen op Olthof Momber over Juda Jansen Klein Hulse
1736 Willem Jansen Olthof en Willemken Gerrits Franken Het echtpaar is afkomstig van de Roskam
  Jan Hendriksen en Willemken Gerrits Franken Jan is de tweede echtgenoot van Willemken
1771-...... Antonij Willems Olthof en Gerritjen Barvelink Antonij is de zoon van Willem en Willemken
     
1815 Jan Brinkman en Gerritjen Wiltink Woont later op Bijgeval
1821 Jan Lucas Willemsen en Willemina van der Meij Broodbakker
1837- Jan Willem van der Meij en Hendrika Buitenweerd Jan Willem is de broer van Willemina
1846-1849 Harmen Kolkman en Willemina van der Meij  
1856 Willem R. Schummelketel  
1859 Jacobus Theodorus Johannes van Rhijn en Philippina van Kampen Huisnummer 6 anno 1866
     
 
 
Nieuwe Roskam
 
Zal zijn gesticht tussen 1831 en 1836. Volgens OMB 2014-1/19 omstreeks 1836. Zeker na 1832 omdat het huis niet op de kadastrale kaart staat. Eerste bewoners zijn Philippus Dommerholt en Maria van der Meij die eerder op de Roskam woonden. Een aantal jaren daarna is er een gedeelte bij aangebouwd zodat zijn oudste zoon Zwier, inmiddels weduwnaar, met zijn twee kinderen daar ook kon wonen. Zij verkopen Weltevreden op 13-01-1848 aan Albert van der Meij. Betreft 2 huizen (waarschijnlijk door de dubbele bewoning) en diverse gronden.
 
  Ook wel genaamd Weltevreden.
 
     
1836 Philippus Dommerholt en Maria van der Meij Huisnummer 6 anno 1841
1861 Anne Catharinus Philippus van Vierssen en Antje Walburg Huisnummer 8 anno 1866
     
     
     
 
Ontbrekende huisnummers: 5a>7>Hoofdstraat 47 (Hekkelman?), 6a>9>Hoofdstraat 36 (Leuvenink, waarschijnlijk van 1848), 6a2>10 (Dommerholt/Stoelhorst), 6b>11>Hoofdstraat 50 (Bloemenkamp)
 
 
Rensink
 
Renssinck wordt genoemd in de pondschatting van 1494 met eigenaar Wichmar ten Walle die ook eigenaar was van de gelijknamige boerderij 't Walle maar wel woonde op 't Renssinck.
 
Rensink boerderij ook wel Olthof genaamd

Op 4 juni 1627 verkopen Sander Jacobsen en zijn huisvrouw Truijde Rensinck 't goet Rensinck aan Gerrit Alberts op Smeijnck in Gorssel en Hermantien Lubberts. Verpondingskohier 1646: Rensinck, eigenaar Gerrit Alberts.

Rudolph Jan Staring, I.U.D. een gemachtigt Stadhouder en Rigter van den HoogWlgeboren Gestrengen Heer Wilem Hendrik Vrijheer van Rouwenoirt enz., Scholtis binnen en buiten Zutphen, oorkondt dat Aaltjen Lentink, Jan Nellink en zijn vrouw Anna Willemina Lentink, en Aalbert Lentink en zijn vrouw Geesken van Dijk overdragen aan Mr. Hendrik Frederik Brouwer, Burgemeester der Stad Deventer en zijn vrouw Harmanna van Suchtelen het erf en goed Rensink, gelegen in Gorssel en een vierde part van een whare in de Gorsselsche Waerden., 1770 november10.


Genoemde Lentink personen zijn achterkleinkinderen van Gerrit Alberts ten Bosch wiens derde echtgenote is geweest Evertien Rensink. Dit echtpaar woonde op 't Smeenk in Gorssel. De genoemde achterkleinkinderen zijn de kinderen van Lambert Alberts Lentink. De naam Lambert komt mogelijk van Lambert Lambertsen en hij is dan waarschijnlijk de vader geweest van Evertien. Evertien trouwde omstreeks 1640 en zal toen op 't Smeenk zijn gaan wonen. Mogelijk was zij nog het enige kind van Lambert en is het huis na zijn dood in/voor 1644 verpacht aan Tonnis Tansen Rensinck etc.

Bij graafwerkzaamheden bij een verkocht huis aan de Bongerd omstreeks 2017 zijn ze op resten van een put gestuit. Huisnummer 8 anno 1841.

 
.......-1627 Sander Jacobsen en Truijde Rensinck  
.......-1644 Lambert Lambertsen op Rensinck en Jacoba Jansen Jacoba hertrouwt op 10-03-1644 met Arent Henrijcks uit Brummen
.......-1650 Tonnis Jansen Rensinck en ........................ Bouman op 't goet Rensinck
1650-1670 Tonnis Jansen Rensinck en Essele Goossens Francken Essele is de tweede echtgenote van Tonnis
1670-1677 Thonnis Arents Bentinck>Rensinck en Essele Goossens Francken Thonnis is de tweede echtgenoot van Essele  
1677-1686 Thonnis Arents Rensinck en Garbrecht Hendericks Garbrecht is de tweede echtgenote van Thonnis
1686-....... Thonnis Arents Rensinck en Mechtelt Janssen Mechtelt is de derde echtgenote van Thonnis
1703>1713 Harmen Willems Velderman>Renssink en Mechtelt Janssen Harmen is de tweede echtgenoot van Mechtelt
1720 Jan Thonissen Rensink en Mechtelt Lubberts Meijer Jan is de zoon van Thonnis en Mechtelt
1742 Evert Willems in 't Loo>Rensink en Teuntjen Jansen Rensink Teuntjen is de dochter van Jan en Mechtelt
1780-1837 Jan Everts Rensink en Judith Harms van Essen Jan is de zoon van Evert en Teuntjen
1820-1865 Gerrit Jan Rensink en Jannetjen Huurnink Gerrit Jan is de zoon van Jan en Judith
1856-1887 Johannes Rensink en Lammerdina Ilbrink Johannes is de zoon van Gerrit Jan en Jannetjen
1878-1931 Hendrikus Wiltink en Johanna Jacoba Rensink Johanna Jacoba is de dochter van Johannes en Lammerdina
1935-...... Hein Wiltink en Geertruida Kloosterboer Hein is de zoon van Hendrikus en Johanna Jacoba
     
 
Bloemenkamp
 
In 1861 bewoond door Jan Antonij Hendrik Gooszen en Sara Klinkhamer. Zij waren tevens eigenaar van de Groote Haar (Klein Eschede) en de Kleine Haar.
 
 
Bijgeval
 
Ook wel de Woert en Bloemkamp genoemd.
 

In peinding akte d.d. 01-05-1798 wordt geschreven "Garrit Woertman aan den Dijk te Gorssel" waar het echtpaar dus gewoond zal hebben. Dat is mogelijk Braamkolk.

Volgens OMB 2014-1/18 kocht Philippus Dommerholt omstreeks 1833 het boerderijtje Bijgeval, gelegen aan de Molenweg met grond aan beide zijden van een dijk en een stuk heidgrond van 1,5 hectare.

Huisnummer 10 anno 1841. Op 6 juni 1865 verhuist Gerritjen Wiltink met het gezin van haar zoon Hendrik en schoondochter Willemken naar de Oude Fokke en wordt Bijgeval niet meer bewoond, waarschijnlijk dat jaar afgebroken. Krijgt in 1866 geen nieuw huisnummer.

Het nieuwe huis wordt Bloemhof genoemd. In 1836 wordt deze naam reeds genoemd in een akte van Philippus Dommerholt i.v.m. een hypotheek groot f 1000.- op een NIEUW te bouwen huis op een stuk land genaamd den Bloemhof - met een kolk. Mogelijk is dit het huis met later adres Deventerweg 4.

 
     
1774-1775 Garrit Garrits Woertman en Hendrina Janssen Boevink Markeboek Gorssel 17-11-1774, het land Bijgeval voor twee jaar verpacht aan Gerrit Woertman en zijn vrouw
1775-1792 Garrit Garrits Woertman en Garritjen Swiersen Dalewijks Garritjen is de tweede echtgenote van Garrit
1792-1803 Garrit Garrits Woertman en Jenneken Bannink Jenneken is de derde echtgenote van Garrit
1803- Garrit Lenderink en Jenneken Bannink  
.......-1820 Philippus Jansen Schutte en Maria Arends Bolman  
1816-1865 Jan Brinkman en Gerritjen Wiltink Schoenmakers, afkomstig van Olthof
1832-1865 Hendrik Brinkman en Willemken Ilbrink Hendrik is de zoon van Jan en Gerritjen
     
  Huisnummer 9b Geen huisnaam bekend, later adres Deventerweg 4
1848-1868 Philippus Dommerholt en Maria van der Meij  
1856-1871 Zwier Dommerholt  
1863-1871 Philippus Martinus Dommerholt en Johanna Willemina Hekkelman  
1872-1876 Joseph Gosschalk Stern en Johanna Gerarda van Borgen  
1876-1881 Gerrit Hendrik Tichelman en Tonia ter Steege  
1881-1885 Garrit Jan Wonnink en Anna Muller  
1885-1886 Berend Jan Lucas  
1885-1899 Hendrik Gerrit Wittenberg en Berendina Greutink  
1900-1916 Karel Schepers en Hendrika Maria Albertha Weultjes  
1917-1930> Arend Bretveld en Hendrika Muijtstege  
193..-1952> Derk Jan Hietbrink en Bertha Johanna Fredrika Teunissen  
     
  Huisnummer 43 anno 1890, daarvoor huisnummer 20a 20a>43>52>60>77>113>125 = Molenweg 12 anno 1951
     
1871-1874 Zwier Dommerholt Afkomstig van huisnummer 19 = Deventerweg 4
1871-1895 Philippus Martinus Dommerholt en Johanna Willemina Hekkelman Philippus Martinus is de zoon van Zwier
1894-1939> Manus Elibertus Dommerholt en Teuntjen Klein Kranenberg Manus Elibertus is de zoon van Philippus Martinus en Johanna Willemina
1933-...... Willem Dommerholt en Hendrika Mensink Willem is de zoon van Manus Elibertus en Teuntjen
     
     
  Huisnummer 43b 43b>53>59>76>112>124 = Molenweg 8 anno 1951
     
1895-1901 Philippus Martinus Dommerholt Eerste hoofdbewoner, eerste vermelding is huisnummer 67b maar doorgehaald met opmerking "onbewoond"
1902-1904 Philippus Dommerholt en Johanna Stevendina Veerman Philippus is de zoon van Philippus Martinus
1904-1905 Hendrik Hulshegge en Hendrika Hutterman Geen familie van vorige hoofdbewoners, afkomstig van Ravensweerd
1906-1908 Hermanus Marinus Schotgerrits en Joanna Maria Krieger  
1908-1939> Jan Dommerholt en Hendrika Reindina Haverkamp Jan is de zoon van Philippus Martinus
     
  Huisnummer G76a 76a>111>123 = Molenweg 10 anno 1951 (later gewijzigd naar nummer 14)
     
1929-........ Hendrik Jan Goorman en Hendrika Johanna Dommerholt Hendrika Johanna is de dochter van Jan en Hendrika Reindina
     
 
Nooitgedacht
 

Huisnummer 6a anno 1846. Dan bewoond door Gerrit Jan Zomerhuis en Johanna Willemsen die waarschijnlijk tot 1844 op Klein Bentink woonden.

Huize Nooitgedacht is in 1987 afgebrand.

 
  Gerrit Jan Zomerhuis en Johanna Willemsen  
.......-1878 Arie Neau en Maria Catharina Corbach  
1879-1879 Franciscus van Deun en Willemina van der Meij Geen familie van vorige hoofdbewoners
1880-1884 Hendrik Gerrit Hendriks  
1885- Arie Coenraad Bellaart en Anna Elizabeth Lehmann  
 
 
Boerenleenbank
 

De eerste boerenleenbank van Gorssel. Huidig adres Hoofdstraat 73. Huisnummer 8b anno 1846. Dan bewoond door J.H. Geerdes, H. Brinkerhof en dubbele bewoning door G.J. Scholten.

Akte 23-09-1857: betreft huis en erf met fruitbomen en bouwland aan de straatweg van Deventer naar Zutphen. Andere geregistreerde in de akte is Gerrit Brouwer.

Jan Hendrik en Willem Geerdes waren timmerman van beroep, Willem wordt later ook geregistreerd als landbouwer.

Hendrika is agente van de middenstandsbank en Willemina Gerdina is landbouwster.

 
1843-1887 Jan Hendrik Geerdes en Hendrika Sieberink Eerste hoofdbewoners
1874-1929 Willem Geerdes en Gardina Schoemaker Willem is de zoon van Jan Hendrik en Hendrika
1884-....... Hendrika en Willemina Gerdina Geerdes Ongehuwde dochters van Willem en Gardina
     
 
 
Scholten
 
Huisnummer 8c anno 1846. Op 13-08-1919 wordt huis met erf en bouwland te Gorssel, sectie E nrs. 2281-2283 en 2808 verkocht door Albert Jan Scholten en Alberta Johanna Ribbink aan Hendrik Scholten en Aaltje Pen. Het huis is afgebroken voor de aanleg van de rondweg.
 
1846 Gerrit Alink en Derk Hummelman Vader en schoonzoon, trouwde in 1845 met dochter Philippina Johanna Catharina
1851 Gerrit Alink en Bernardus Willemsen Vader en schoonzoon, trouwde in 1849 met dochter Jannetjen
1856 Evert Jan van der Heijden en Jenneken Albers Gerrit Alink woonde er ook nog maar wordt niet genoemd in personele omslag, hij overleed er op 27-12-1858
1857-1861 Derk Hummelman en Janna Toewater Woont anno 1859 op huisnummer 8c2, hoofdbewoner niet genoemd in personele omslag (E.J. van der Heijden woont in 1859 op huisnummer 5a)
1862-1863 Derk Hummelman en Aaltjen Kornegoor Aaltjen is de derde echtgenote van Derk
1864-1866 Derk Hummelman en Berentjen Dijkman Berentjen is de vierde echtgenote van Derk
1866-1867 Philip Schutte en Gerrigjen Bonhof Afkomstig van Klumper
1867-1868 Gerrit Willem Peters en Geertjen Pekkeriet Afkomstig van Dommerholt
1868-1886 Gerrit Jan Scholten en Teuntjen Rietman Afkomstig van huisnummer 8b2, ze ruilen met Gerrit Willem Peters en Geertjen Pekkeriet
1875-1939> Albert Jan Scholten en Alberta Johanna Ribbink Albert Jan is de zoon van Gerrit Jan en Teuntjen
1918-1926~ Hendrik Scholten en Aaltje Pen Hendrik is de zoon van Albert Jan en Alberta Johanna, ze verhuizen tussen 1922 en 1930 naar de Molenweg
 
 
 
Alink
 

Er is geen huisnaam bekend maar wel dat het huis huisnummer 9 kreeg anno 1841 en toen bewoond was door de familie Alink. Het is waarschijnlijk op de foto het huisje rechts van de weg, maar dat ook huisnummer 9b zijn van de familie Dommerholt, zie verhaal Bijgeval. Aan de linkerkant zien wij Huize Nooitgedacht (huisnummer 8a anno 1861) en daarachter in de verte het huis waar de eerste boerenleenbank (huisnummer 8b anno 1861) zich vestigde, dit is tegenwoordig het eerste huis aan de rechterkant als je van Epse kant de Hoofdstraat inrijdt.

De huisnaam Halfweg duikt wel op, maar de naam Halfweg werd (ook) gebruikt voor Ravennest. In 1832 had het huis nog geen kadastraal perceel, Ravennest had dat wel. Zit hier een verband? Woonde Gerrit Alink dan eerst op Ravennest aan de postweg en daarna aan de straatweg?

Op 4 februari 1852 verkoopt Gerrit Alink huis en erf aan Derk Hummelman. Derk neemt op 4 augustus 1855 hypotheek op betreft huis en erf met hof aan de straatweg te Gorssel. Is dit huisnummer 9 of 8c?

Gerrit Jan Eenink komt op 21 april 1857 vanuit Warnsveld en trouwt op 10 juli 1858 met Johanna Derkjen Sarink

Huis van de familie Withagen, afgebroken voor aanleg rondweg. Uit een koopcontract van 04-01-1921 wordt beschreven een betreft een dubbel woonhuis aan de Rijksstraatweg te Gorssel, sectie E nr. 3460. Wolter Withagen koopt deze dan van Gerrit Jan Kuit.
 
1825-1842 Gerrit Alink en Maria Harmsen Eerste hoofdbewoners, woonden in 1823 nog op Olthof
1842-1846 Jan ter Maat en Hendrika Johanna Holmer  
1847-1856 Derk Hummelman en Philippina Johanna Catharina Alink Na overlijden Philippina gaat Derk op huisnummer 8c wonen
1857-1863 Gerrit Jan Eenink en Johanna Derkjen Sarink  
1864-1868 Joseph Gosschalk Stern en Johanna Gerarda van Borgen  
1868-1869 Hermanus Bosch en Johanna Aleida Maria Theresia Baudet Het echtpaar is afkomstig van de Oude Pastorie
1870-1883 Wilhelmus Lemmen en Hendrika Willemina Grieving Hendrika Willemina is overleden op 31 juli 1878
1883-1910 Wilhelmus Lemmen en Gerritdina van den Belt Gerritdina is de tweede echtgenote van Wilhelmus
1912-1921> Gerrit Jan Kuit en Maria Schutte  
1921 Wolter Withagen en Johanna Paulina Smeenk Het echtpaar verhuist in de periode 1930-1940 naar de Veerweg, huis toen al afgebroken of nog andere bewoners?
     
 
 
 
Hemstra
 

Dit huis is gesticht in 1862 door Abraham van den Bovenkamp en Maria Bouman die afkomstig zijn van de Grote Muil en daarvoor op de Oude Pastorie in de Eesterhoek woonden.

Het huis dankt zijn naam aan Jan Hemstra die op 5 april 1872 op het huis kwam wonen echter wordt de naam later foutief met dubbel e geschreven. Jan is weduwnaar van Oetske Johans van Abbema en hertrouwt op 8 mei 1872 met Cornelia Josina Everdina Scholten en zij komt dan ook in Gorssel wonen.

Op 1 oktober 1880 verkoopt Jan het huis aan Hermanus Ziemelink en op 14 oktober verhuizen Jan en Cornelia naar Eelde.

Later had dokter Upmeijer hier zijn praktijk. De ingang en de apotheek waren toen aan de Molenweg. Weer later had hij zijn praktijk aan de Hoofdstraat.

 
1862-1869 Abraham van den Bovenkamp en Maria Bouman Eerste hoofdbewoners, afkomstig van de Grote Muil
1870-1872 Anthonij Johannes Swaving en Gerardina Anna Hendrica du Bon Brooks Het echtpaar verhuist naar Ontijdink
1872-1880 Jan Hemstra en Cornelia Josina Everdina Scholten  
1881-1894 Hermanus Ziemelink en Jenneken Roeterdink Afkomstig van Klaphekke
1898-1903 Carolina Wijtman Afkomstig van Ruimzicht, volgens BR al in 1892 maar zonder Gerrit Lugt?
1898-1907 Rudolf Lugt Rudolf is de zoon van Carolina, volgens BR al in 1892
1908-1912 Jan Willem Wesseldijk en Jenneken Lamberts  
1912-1916 Anthonij Coert en Annie Cornelia de Jong  
1916-1917 Hajo Uden Thoden van Velzen  
1918-1936 Johan Jacob Lambertus Vlaanderen en Eva Titia van Gelder  
1936-....... Berend Hendrik Upmeijer en Gerardina Geertruida Reina van Dee  
     
 
Elfuur
 

Huisnummer 9a anno 1846. Het huis wordt dan bewoond door Hendrik Willem Dommerhold(t) en Fredrika Scholten die er in 1851 ook nog wonen. In 1856 woont er Hermanus Theodorus Graeuwert, een neefje van de familie Dommerholt die is vertrokken naar het boerderijtje aan de huidige Kozakkenweg met huisnummer 12a.

Akte 19-05-1904: betreft provisionele verkoop erve "Haitinkhof" te Gorssel, sectie E nrs. 1 enz. en "Elf Uur" te Gorssel ,sectie E nrs. 1329 enz. en bouwland (zie ook akte nr. 2191) na overlijden van Jan Willem Nikkels.
Zoon Arend Jan Nikkels verkoopt op 22-05-1918 het huis "Elf Uur" te Gorssel en het huis erachter, sectie E nrs. 1374 en 3464 (zie ingesloten akte nr. 1129) aan Hendrikus Kuiper.

 
    Huisnummer 9a en later huisnummer 18>74>afgebroken>onbewoond>96>104>152
     
1858-1868 Jan Willem Nikkels en Marianna Graeuwert  
1868-1869 Martinus Eskes en Jacoba Maria Olijslager  
1869-1872 Derk Jan Braakhekke en Hendrika Blaauwhand Vertrekt naar Bartels Hofstede
1872-1878 Jan Willem Nikkels en Marianna Graeuwert  
1878-1880 Harmanus Toorneman en Aaltje Klijn Velderman  
1880-1883 Gerrit Willem Groot Velderman en Derkjen Schoemaker  
1883-1887 Garritjen Tikink  
1887- Jan Willem Holmer  
1892-1894 Johannes Bruggeman en Hendrika Holmer Hendrika is de dochter van Jan Willem
1894-1897 Gerrit Jan Blankena en Lammerdina Jonkman  
  Albert Boterman en Jenneken Slagman  
1906- Arend Jan Nikkels Afkomstig van huisnummer 95
1919-1919 Jan Christoffel Breukelman en Anna Gesina Geerdink  
1919-1920 Hein Kuit en Geertruida van der Heijden  
1921- Hein Kuit en Cornelia Boerke Cornelia is de tweede echtgenote van Hein
  etc.  
1935 Hendrik Oosterveld en Johanna Alberta Koldeweij  
    Huisnummer 75>95>103
     
1892-1895 Karel Jansen van Donzelaar en Geurtje van Eldik  
1895-1906 Jan Willem Nikkels en Arend Jan Nikkels Jan Willem is overleden op 13-02-1904, zoon Arend Jan verhuist in 1906 van huisnummer 95 naar 96
1906- Cornelis Hermanus Pruijsers en Helena Adriana Molewijk  
  etc.  
     
     
 
Ruimzicht
 
Van april 1891 tot april 1892 wonen Gerrit Lugt en Carolina Wijtman in Barneveld en past Karssien Heres Brouwer op het huis. Neeltje en Bartje van den Heuvel zijn ongehuwde zusters en wonen samen op Ruimzicht. Op 20 oktober 1923 overlijdt Bartje en op 5 maart 1924 verkoopt Neeltje het huis aan Carel Roeterdink. Het betreft een dubbel woonhuis en zo kan Neeltje er blijven wonen tot haar overlijden in 1929.
 

Carel Roeterdink en Martina Schaap verhuisden in 1924 van Groot Bentink naar Ruimzicht, omdat zoon Willem het bedrijf overnam en in dat jaar ging trouwen. Hun kinderen Willemina Judeken, Martina Hendrika, Johanna Willemina en Hendrik Carel verhuisden mee. Op Ruimzicht was in die tijd een boerenbedrijf gevestigd. Het land dat erbij hoorde lag waar nu de Parallelweg loopt. De koeien die daar liepen, vooral jongvee, werden niet bij Ruimzicht gestald maar bij boerderij ’t Boschtert, die ook eigendom was van Carel Roeterdink. Daar had Carel ook melkvee en Carel leverde op een gegeven moment meer melk aan de melkfabriek dan zoon Willem op Groot Bentink!

Op Ruimzicht was ook de Boerenleenbank gevestigd. Oorspronkelijk was die ondergebracht bij de gezusters Geerdes aan de Hoofdstraat, maar die kregen onenigheid met het bestuur, waar Carel waarschijnlijk ook in zat, en toen heeft hij de bank over laten brengen naar Ruimzicht. Zijn dochter Willemien werk kassier tot haar huwelijk in 1928 en daarna werd zijn dochter Anne kassier.

In 1942 verkochten Carel en Martina Ruimzicht (aan een mevrouw van de Heuvel) en verhuisden ze naar Lucretia, Deventerweg 15. Hun kinderen Martina Hendrika en Johanna Willemina verhuisden mee. De anderen waren inmiddels getrouwd.

Later was garage Kluin er gevestigd en weer later een busbedrijf, tegenwoordig is dat wijnkoperij Klosters.

 
1887-1888 Johan Sebastiaan Lehmann  
1888-1898 Gerrit Lugt en Carolina Wijtman  
1898-1903 Hendrik van Eck en Clazina de Ven Afkomstig van Ravensweerd
1898-1929 Neeltje en Bartje van den Heuvel Neeltje en Bartje zijn nichtjes van Hendrik
1924-1942 Carel Roeterdink en Martina Schaap Geen familie van vorige hoofdbewoners
     
  Huidig adres: Deventerweg 14  
 
 
Dorrewold
 

Staat al getekend op de pre kadastrale kaart van 1818. Mogelijk toen al bewoond door Harmen Wilgenhof en Antonia Greeve, de vroedvrouw.

Huisnummer 12 anno 1841. Later bewoond door de familie Roeterdink en Hissink?

 
     
1829 Harmen Wilgenhof  
     
     
     
     
 
Ketenbosweg
 

Ketenbosweg 17, afgebroken in 2016. Adres anno 1951 is waarschijnlijk Ketenbosweg 9 (huisnummer 89a anno 1900) of mogelijk Ketenbosweg 4 (huisnummer 11b anno 1861). In het laatste geval zijn de eerste hoofdbewoners Jan Willem Schutte en Hendrika Johanna Groot Wesseldijk. Maar waarschijnlijk dus Ketenbosweg 9 aangezien op een kaart circa 1867 een pand te herkennen is welke huisnummer 4 zou kunnen hebben gekregen.

Onderstaande bewoners zijn de bewoners van huisnummer 89a en bewoning vanaf 1900.

 
1900-1913 Gerrit Willem Boterman en Gerritjen Willemina Hietkamp Eerste hoofdbewoners, afkomstig van de Eikeboom
1913 Hermanus Broer en Jenneken Rietman  
     
     
     
 
De Bosch
 
Dit boerderijtje is omstreeks 1855 gebouwd in een toen nog bosrijk gebied aan de huidige Kozakkenweg, in die tijd kreeg de boerderij nog huisnummer 12a. De stichters zijn Hendrik Willem Dommerholt en Fredrika Scholten die daarvoor nog op 't Elf Uur woonden welke zij ook hebben laten bouwen. Daar nog weer voor woonde het echtpaar op katerstede Hietbrink in Eefde, maar van oorsprong komen zij uit Gorssel. Hendrik Willem komt van 't Dommerholt en Fredrika van 't Boschtert. Het echtpaar heeft elf kinderen waarvan er drie op jonge leeftijd zijn overleden.
 

Het boerderijtje werd gebouwd op een open gedeelte, welke was omringd door bomen, in een terrein van ruim 2,37 hectare waarvan Hendrik Willem eigenaar was. Dit terrein bestond uit vrij laaggelegen heide- en bosgrond waarvan een gedeelte reeds in cultuur was gebracht. Samen met zijn zonen en anderen bracht hij meer grond in cultuur. Hendrik Willem overlijdt op 14 januari 1863 en zoon Gerhard Johan, die dan 23 jaar oud is, neemt de werkzaamheden op de boerderij over maar werkt ook als dagloner, wat zijn vader ook deed.

Oudste zoon Hendrik woont er werkt dan nog als dienstknecht op 't Boschloo en woont na zijn trouwen op de Brink en 't Loobosch in de Eesterhoek. Nadat zijn echtgenote Tonia Fredika Altena in 1872 overlijdt, verhuist hij met zijn drie kinderen naar het boerderijtje van zijn moeder en broer die dan nog vrijgezel is. Gerhard Johan trouwt pas op 46-jarige leeftijd op 22 mei 1886 met de 24-jarige Jenneken Schoemaker uit Epse. Zij wordt dan de enige vrouw des huizes want Fredrika Scholten is in 1884 overleden. Met de geboorte van twee dochters komt daar verandering in en er worden daarna ook nog vier zonen geboren.

Gerhard Johan zijn roepnaam is Gerrit maar hij stond bekend als "Gait uut de Bosch". Alle grond rondom de boerderij was inmiddels in cultuur gebracht en zodoende stond de boerderij niet meer "in" de bos maar "uit" de bos en vandaar de bijnaam. De boerderij werd door Gerrit ook uitgebreid met drie meter aan het achterhuis om meer vee te kunnen houden. Op het erf kwamen er twee eenroedige bergen bij, plus een kippenhok en een wagenloods.

 

Het is oudste zoon Gerrit Hendrik die de boerderij voortzet en ook hij stond bekend als "Gait uut de Bosch". Hij trouwde op 20 december 1919 met Johanna Willemina Meerman. Niet lang daarna overlijdt vader Gait senior op 14 maart 1920, zijn oom Hendrik was in 1905 al overleden. Uit het huwelijk met Johanna Willemina worden drie kinderen geboren en ontstond een nieuwe generatie Dommerhold op de boerderij. De boerderij wordt ook uitgebreid grond aan de overkant van de Dommerholtsweg. Dit bleek noodzakelijk doordat de grond rondom de boerderij lager lag en bij de overstromingen van 1920 en 1929 onder water kwam te staan waardoor het vee tijdelijk bij de buren op stal moest worden gezet. Op de nieuwe grond bouwde Gerrit een stal voor de melkkoeien en jongvee, een paardenstal en een nieuw kippenhok.

Op de foto hiernaast staat Gerrit tweede van rechts. Geheel rechts staat zijn broer Jan en geheel links zijn jongste broer Hendrik Willem, zij woonden ook op de boerderij. De familie Dommerhold haalde van ongeveer 1920 tot 1950 het huisvuil op in Gorssel en Joppe voor 1,75 gulden per gezin per maand, de gemeente voerde die taak toen nog niet uit. Ook werden schillen en ander keukenafval meegenomen. Deze werden gekookt in een grote fornuispot en werden gebruikt als varkensvoer. De fornuispot stond in een nieuw bakhuis welke aan de boerderij werd gebouwd. De varkenshouderij was ook een belangrijke bron van inkomsten voor de familie Dommerhold.

 
1855-1884 Hendrik Willem Dommerholt en Fredrika Scholten Eerste hoofdbewoners
1864-1928 Gerhard Johan Dommerhold en Jenneken Schoemaker Gerhard Johan is de zoon van Hendrik Willem en Fredrika
1919-1972 Gerrit Hendrik Dommerhold en Johanna Willemina Meerman Gerrit Hendrik is de zoon van Gerhard Johan en Jenneken
 
 
De Dekker
 

Volgens OMB 2014-1/17 was voor 1820 Philippus Dommerholt al eigenaar van het boerderijtje De Dekker. Hij heeft deze later verkocht aan Philippus Velderman.

Ook wel Dekkershof. Huisnummer 11 anno 1841. Hier woonde de rietdekker. Jan Velderman en zoon Philippus waren echter landbouwer van beroep.

Johanna van der Meij is een kleindochter van Jan Velderman en Garritjen Noteboom. Zij is geboren in 1887 en woonde vanaf haar tweede levensjaar bij haar opa en oma op de Dekker, haar ouders woonden aan de Joppelaan. Zij trouwde op 26 juni 1908 met Carel Emil Rappard en woonde met hem het eerste huwelijksjaar op de Dekker. Zij is te zien op foto 28 in het boekje "Gorssel in oude ansichten deel 1" samen met haar tante Garritjen Velderman en nichtje Johanna Woertman.

Huisnummer anno 1921 is G136 en hoofdbewoner is dan Philippus Velderman. Huisnummer 137 wordt ook de Dekker genoemd en wordt bewoond door H. Heuvelink (ook H.J. Klooster en E.J. Wolters) zie register huisnummering 1921-1930.

Huisnummer anno 1940 is G153 en wijzigt in 1951 naar Molenweg 51. Bewoner anno 1952 is W. Wichers.

 
1825-1871 Philippus Velderman en Gerritjen Smeenk Eerste hoofdbewoners, gehuwd 19-08-1825 te Gorssel
1856-1904 Jan Velderman en Garritjen Noteboom Jan is de zoon van Philippus en Gerritjen
1857-1939 Philippus van der Meij en Garritjen Velderman Philippus en Garritjen zijn kinderen van Jan en Garritjen en zijn beiden ongehuwd.
1939< Jan Albert Bussink Geen familie met vorige hoofdbewoners, trouwde later met Derkjen Nijkamp uit Harfsen
1952 Willem Wichers Ook afkomstig uit Harfsen? Deze familie is omstreeks 1957 vertrokken waarna het pand is gesloopt.
     
 
 
De Hoop
 
Volgens een tekening van Nicolaas Wicart gemaakt in de periode 1770-1815 moet er in Gorssel al een molen hebben gestaan, niet ver van de kerk. Over een molen is echter in akten van die tijd niets terug te vinden.

In 1821 slaan
kastelein Philippus Swiers Dommerholt van de Roskam en broodbakker Jan Lucas Willemsen van Olthof de handen ineen en bouwen een korenmolen aan de huidige Molenweg. Toen de molen nog maar net klaar en in gebruik was, sloeg het noodlot toe en brandde de molen af. De druiven werden nog zuurder toen bleek dat de verzekering de schade niet wilde betalen. De molen was wel voor verzekering opgegeven, maar de polis was nog niet ontvangen. De heren Dommerholt en Willemsen herbouwden echter het jaar erop de molen en deden daarvoor een beroep op Koning Willem I die uiteindelijk 1/8 deel (zijnde 310 gulden) van de wederopbouwkosten betaalde. De molen zal in 1822 zijn herbouwd en de bouw zal zeker in 1824 zijn voltooid omdat volgens een akte van dat jaar de heren dan eigenaar zijn van de "nieuw opgetimmerde" molen de Hoop te Gorssel.
 
In 1839 verkopen Jan Lucas Willemsen en zijn echtgenote Willemina van der Meij hun erfrechten aan Albert van der Meij. Drie jaar later, op 29 januari 1842, verkopen Philippus Dommerholt en zijn echtgenote Maria van der Meij hun helft ook aan Albert van der Meij die daarmee helemaal eigenaar was geworden van de windkorenmolen "de Hoop" in Gorssel. Albert woonde zelf in Doesburg en is de broer van Willemina en is de neef van Maria en is getrouwd met haar zuster Aaltjen. Hun enige dochtertje Aaltje is daar in 1841 geboren en overlijdt op 16 januari 1842 op Olthof in Gorssel. Jan Lucas Willemsen woont daar dan niet meer, hij woont dan op de Nieuwe Roskam (Weltevreden) waar ook Philippus Dommerholt woont, hij is daarvan de eigenaar. Dit huis wordt in 1848 ook verkocht aan Albert.

In 1852 werd de Molenweg opnieuw aangelegd en verhard. De molen kwam hierdoor aan de andere kant van de weg te liggen.
Er stond eerst geen huis bij de molen. De dichtstbij staande huizen waren Bijgeval en de Dekker waarvan Philippus Dommerholt ook eigenaar was. Daar woonden de schoenmaker en rietdekker en zij konden de molen dus niet draaiende houden. De jonge molenaar Laurens Hartgerink kon dat wel en trouwde in 1844 met Gardina Lijzen uit Harfsen. Er wordt een nieuw huis vlakbij de molen gebouwd waar het echtpaar gaat wonen en waar drie kinderen worden geboren. Het huis krijgt nummer 10a en wordt het Olde Moldershuus genoemd. Als in 1853 "eene voor 2 jaren geheel nieuw gebouwde wind-korenmolen" met daarbij staand woonhuis in Harfsen te koop wordt aangeboden, slaat Laurens zijn slag. Zo vertrekt hij in 1853 naar Harfsen.

Nieuwe molenaar is Harmen Jan Rensink die dat jaar de werkzaamheden overneemt en waarschijnlijk in het muldershuis gaat wonen. Hij is een geboren Gorsselnaar en afkomstig van het erve Rensink. Op 14 december 1855 trouwt hij met Geesken Groot Enzerink en ze krijgen drie kinderen. Op 1 maart 1857 koopt Harmen Jan Rensink de korenmolen met woning van Albert van der Meij. Harmen Jan overlijdt op 9 november 1870 en Geesken hertrouwt in 1874 met Alexander Jochems, maar hij is geen echte molenaar. In 1875 verhuist het echtpaar dan ook naar elders in Gorssel en treedt oudste zoon Gerrit Jan Johannes, dan nog geen 19 jaar oud, in de voetsporen van zijn vader. Op 1 mei 1879 trouwt hij met Alberdina Vorink uit Epse en er worden uit dit huwelijk zes kinderen geboren.


 
Ruim 20 jaar lang oefent Gerrit Jan Johannes het beroep van molenaar uit. Op 27 november 1896 verkoopt hij de windmolen aan Berend Jan Lammers. Het huis verkoopt hij niet, daar blijft hij wonen tot 1903 alhoewel hij in 1901 en 1902 ook in Diepenveen met twee kinderen heeft gewoond toen hij daar eigenaar was van de Rander molen. Berendina en de andere kinderen woonden die tijd in Gorssel. In 1903 verhuizen Gerrit en Alberdina naar Epse waar ze molen aldaar gaan runnen. De kinderen Frederik Lambert, Geesken en Gerrit Johannes Albertus blijven in Gorssel wonen. Anno 1910 wordt Alberdina Vorink in het bevolkingsregister weer genoemd als hoofdbewoonster van het Olde Moldershuus maar ze overlijdt op 16 januari 1911 te Epse en in de overlijdensakte wordt geschreven dat ze daar ook woonde.
 
Op 11 oktober 1913 komen er nieuwe bewoners, het zijn Frederik Dolman en Maria Johanna Hendriksen en hun kinderen. Frederik overlijdt op 14 december 1915 en Maria verhuist februari 1916 naar de Hoofdstraat. Het huis staat dan leeg en is nog eigendom van de familie Rensink. Geesken Rensink (dochter van Gerrit en Alberdina) trekt er op 20 september 1916 in samen met echtgenoot Roelof Arnold Bloos maar verhuist op 11 mei 1917 alweer naar Neede waar ze ook vandaan kwamen. Dan is het Willemina Rensink, die op 10 oktober 1918 trouwde met eierhandelaar Martinus Smit, die in het huis komt wonen. Er worden uit dit huwelijk vijf kinderen geboren. Het echtpaar woont er bijna 20 jaar, op 9 september 1936 verhuizen zij naar Voorst. Het huis blijft dan alleen nog bewoond door Frederik Lambert Rensink, broer van Willemina, die er al vanaf januari 1919 woonde en er tot oktober 1913 ook is blijven wonen. Hij was ongehuwd en bakker van beroep. Anno 1952 woont hij er nog steeds en wordt hij er geregistreerd met F. Bols. Het huisnummmer was in 1951 gewijzigd van G163 naar Molenweg 20.
 
1844-1853 Laurens Hartgerink en Gardina Lijzen Eerste hoofdbewoners van het olde moldershuus
1853-1874 Harmen Jan Rensink en Geesken Groot Enzerink Geen familie van vorige hoofdbewoners
1874-1875 Alexander Jochems en Geesken Groot Enzerink Alexander is de tweede echtgenoot van Geesken
1856-1911 Gerrit Jan Johannes Rensink en Alberdina Vorink Gerrit Jan Johannes is de zoon van Harmen Jan en Geesken
1913-1916 Frederik Dolman en Maria Johanna Hendriksen Geen familie van de vorige hoofdbewoners
1916-1917 Roelof Arnold Bloos en Geesken Rensink Geesken is de dochter van Gerrit Jan Johannes en Alberdina
1918-1936 Martinus Smit en Willemina Rensink Willemina is de dochter van Gerrit Jan Johannes en Alberdina en zus van Geesken
1919-1952> Frederik Lambert Rensink Frederik Lambert is de zoon van Gerrit Jan Johannes en Alberdina en broer van Willemina en Geesken
 
We gaan terug in de tijd en naar de overkant van de weg! Berend Jan Lammers gaat wonen in een nieuw huis welke in 1895 dichtbij de molen is gebouwd en als eerste bewoners Karel Jansen van Donzelaar en zijn echtgenote Geurtje van Eldik heeft die afkomstig zijn van 't Elf Uur. Berend Jan was in 1895 getrouwd met Hendrika Garssen en woonde met haar in Warnsveld en Eefde. Op 10 november 1896 gaan zij in het nieuwe huis molen bij de molen wonen. Hendrika woont er nog geen twee jaar, zij overlijdt er op 10 september 1898 en laat drie jonge kinderen na. Berend hertrouwt in 1899 met Alberta Rondeel en uit dit huwelijk worden in 1900 en 1904 nog twee kinderen geboren. Op 19 maart 1904 wordt de windkorenmolen met stoommeelfabriek geveild en gekocht door mej. Hermanna ten Harmsen te Deventer. Op 3 juni 1904 verhuist de familie Lammers naar Deventer.
 

Nieuwe hoofdbewoner en eigenaar is Gerrit Willem Dommerholt, een bekende naam! Hij is geen nakomeling van Philippus Swiers Dommerholt maar wel molenaar van beroep. Gerrit Willem was in 1901 getrouwd met Gerritje Scholten van boerderij Brinkman in de Eesterhoek en woonde tot 1904 in Harfsen en later Epe waar oudste dochter Frederika is geboren. In Gorssel worden nog twee zonen geboren waarvan de jongste maar vier dagen heeft geleefd. Gerrit Willem Dommerholt verkoopt op 1 juni 1912 windkorenmolen de Hoop aan Antonie Jansen en de familie Dommerholt verhuist naar de Hoofdstraat.

Antonie Jansen is molenaar van beroep en trouwde op 10 mei 1912 met Grietje van den Brink, beide zijn afkomstig van Warnsveld. Het jonge echtpaar krijgt zes kinderen. Bijgaande foto is in gemaakt in het voorjaar van 1918 en Grietje van den Brink staat in het midden met zoon Gerrit Antonie Jansen op de arm. Naast haar staan drie kinderen en nummer vijf zit nog in de buik. Links staat een dienstbode en Antonie Jansen is niet te zien, hij is dan ook de maker van de foto.

Op de foto is ook de molen en de nieuwe molenaarswoning te zien met daarnaast het magazijn. De molen is dan al geen eigendom meer van de familie Jansen die de molen in 1917 voor 20.000 gulden verkocht aan de Coöperatieve Aankoop Vereniging (C.A.V.) Gorssel welke dat jaar was opgericht. De C.A.V. kocht ook de molen in de Eesterhoek van Bernard Kreeftenberg voor 15.000 gulden en voor de molen in Epse werd 20.000 gulden betaald aan Gerrit Jan Johannes Rensink die eerder op het oude muldershuis woonde en eigenaar was van de molen in Gorssel. Bernard Kreeftenberg kreeg het minste geld voor zijn molen maar werd wel gekozen tot eerste directeur van de C.A.V. en ging vanaf 1922 wonen in een nieuwe directeurswoning op de hoek Molenweg/Nijverheidsstraat waarvoor in 1921 opdracht gegeven werd voor de bouw. Op 12 maart 1921 verhuisde de familie Jansen naar Wijhe en in 1923 verhuisden zij naar Markelo.

Albertus Anthonij Meijer werd de nieuwe molenaar op de Hoop en ging in het muldershuis wonen. Zijn echtgenote is Aaltje Boskamp en ze zijn afkomstig van Olst maar zijn beiden wel in de gemeente Gorssel geboren en hebben daar tijdens hun huwelijk ook nog gewoond. Het echtpaar had drie kinderen waarvan er twee ook in het nieuwe muldershuis komen wonen.

Deze twee kinderen zijn te zien op de foto's hiernaast. Dochter Hermina staat voor het huis en zoon Dirk Jan staat met zijn echtgenote Aleida Johanna Fransen staat in het plantsoen bij het monument op de plek waar de molen heeft gestaan. De foto moet zijn gemaakt voor 1936 omdat dat jaar de molenaarswoning is afgebroken. De familie Meijer verhuisde toen naar een nieuw huis aan de huidige Nijverheidsstraat.
 
1895-1896 Karel Jansen van Donselaar en Gerritje van Eldik Eerste hoofdbewoners van het nieuwe moldershuus
1896-1898 Berend Jan Lammers en Hendrika Garssen Geen familie van vorige hoofdbewoners
1899-1904 Berend Jan Lammers en Alberta Rondeel Alberta is de tweede echtgenote van Berend Jan
1904-1912 Gerrit Willem Dommerholt en Gerritje Scholten Geen familie van vorige hoofdbewoners
1912-1921 Antonie Jansen en Grietje van den Brink Geen familie van vorige hoofdbewoners
1921-1936 Albertus Antonie Meijer en Aaltje Boskamp Geen familie van vorige hoofdbewoners
 
De molen was al in 1920 onttakeld en in 1924 gesloopt wat leidde tot het volgende commentaar in de krant op 24 mei 1924: "Daar gaat Hollands trots! De molens verdwijnen, de een na den ander! Nu wordt weer de mooie molen te Gorssel, ondanks protesten, gesloopt"

De nieuwe molenaarswoning werd gesloopt om ruimte te maken voor de nieuwbouw van de C.A.V. De nieuwbouw bestond uit molenaarswoning, kantoor, silo's voor opslag van granen en magazijn voor opslag van grondstoffen in zakken en gereed product. Verder een garage voor de vrachtwagen en een aantal loodsen. Het magazijn, gebouwd in 1919, en de loods voor meststoffen etc. kon blijven staan. In 1955 was er weer een grote uitbreiding van zowel de silo als het magazijn en bijgebouwen. Laatste uitbreiding was omstreeks 1962 en betrof de bouw van een grote stalen silo voor de opslag van losse grondstoffen en verhoging van het silocomplex (gebouwd in 1955) met drie meter. In 1980 werd het hele complex gesloopt. De gevelsteen in de voorgevel van C.A.V. Gorssel is bewaard gebleven en zit nu in de gevel van het magazijn bij de molen in de Eesterhoek, zie foto hiernaast.
 
De informatie over het C.A.V. alsmede enkele gegevens over de molen zijn afkomstig van Ap ten Have die vanaf 1950 als assistent directeur voor de C.A.V. heeft gewerkt.
 
In de nieuwe molenaarswoning van de C.A.V. woonde tot 1958 Jan Antonie ten Have en zijn echtgenote Lamberdina Dijkerman. In 1958 verhuisden zij naar de directeurswoning welke was verbouwd tot een huis met dubbele bewoning. Zij woonden aan de rechterzijde, Ap ten Have (geen familie overigens) woonde aan de linkerzijde. In de nieuwe molenaarswoning woonden later nog de families Kraaijenbrink, Korenblik en uiteindelijk de Goeije. Die familie woonde later ook in de directeurswoning welke eerder werd bewoond door de heer Kraaijenbrink, directeur van de C.A.V. Hij woonde er tot 1958 en verhuisde toen naar de Nijverheidsstraat.
 
 
Kapelle
 
De Kapelle is vernoemd naar het graf van de familie Van der Capellen welke vlakbij heeft gelegen. Deze lag op perceel E397 van de kadastrale kaart van 1832.

Verwoesting van de begraafplaats van de familie van der Capellen op 7 augustus 1788
 
 

Huisnummer 7 welke wijzigt naar huisnummer 12 in 1866. Geen registratie kadastrale atlas 1832 maar mogelijk dan al wel bewoning door Jan Schutte en Willemken Scholten. Zij wonen anno 1834 op Nieuw Joppe, is dit een andere naam voor de Kapelle of een ander nieuw huis in Joppe?

Waarschijnlijk is de Kapelle gebouwd ter vervanging van het erve Lueks. Deze boerderij is nog wel te zien op de kadastrale atlas van 1832 en is dan bewoond door Derk Jan Woertman en Aaltjen Polman. Het huis zal dan zijn gebouwd en 1832 en 1835, op 26 september van dat jaar overlijdt Derk Jan Woertman op de Kapelle.

Op de Kapelle woonde in de periode circa 1847-1852 ook de familie Stegeman en dus was er sprake van dubbele bewoning. De familie zal er rond 1846 komen wonen. Het betreft het echtpaar Jan Willem Stegeman en Hendrika Bouwmeester en hun zoon Lammert Stegeman en schoondochter Aaltjen Veldkamp. Beide echtparen komen van de Eesterbrink, senior van Klumper en junior van de Nieuwe Vos. Jan Willem Stegeman overlijdt op 11-09-1847 en Hendrika Bouwmeester op 07-11-1852. Omstreeks 1856 verhuist Lammert en zijn gezin naar Vledder en komt Jan Schutte weer op de Kapelle wonen.

Op de foto hiernaast de oude Kapelle met Johanna Mulder en kleindochter Johanna Woertman. Het huis wordt ook wel Oude Kapel genoemd.

Teunis Woertman was metselaar en aannemer van beroep. Hij had vier zoons waarvan er drie ook metselaar waren. Alleen zoon Bernard Johan was timmerman van beroep. Samen bouwden zij een nieuw huis in 1934.

 
1832-1835 Derk Jan Woertman en Aaltjen Polman Eerste hoofdbewoners, afkomstig van het erve Lueks.
1835-1843 Hendrik Willem Woertman en Hendrika van der Haar Hendrik Willem is de zoon van Derk Jan en Aaltjen
1844-1882 Hendrik Willem Woertman en Hendrika Groot Ilsink Hendrika is de tweede echtgenote van Hendrik Willem
1860-1911 Derk Jan Woertman en Johanna Mulder Derk Jan is de zoon van Hendrik Willem en Hendrika (van der Haar)
1893-1937 Teunis Woertman en Berendina Johanna Velderman Teunis is de zoon van Derk Jan en Johanna
1934-....... Bernard Johan Woertman en Cornelia Magdalena van 't Zelfde Bernard Johan is de zoon van Teunis en Berendina Johanna
     
 
 
Van der Meij
 
Huisnummer 11a. Derk Jan van der Meij en Hermina Boom stichten dit huis tussen 1846 en 1851. Zoon Jan Albert woont bij hun maar woont anno 1856 op huisnummer 11c oftewel het tolhuisje aan de overkant van de weg. Zie ook het bewonersoverzicht hieronder.
 
1851-1875 Derk Jan van der Meij en Hermina Boom Eerste hoofdbewoners
1861-1894 Teunis van der Meij en Geertruida Mulder Teunis is de zoon van Derk Jan en Hermina
1887-1941 Derk Jan van der Meij en Johanna Velderman Derk Jan is de zoon van Teunis en Geertruida
1904-1980 Philippus van der Meij Philippus is de zoon van Derk Jan en Johanna
     
1853 Jan Albert van der Meij en Aaltjen Bieleman  
1865-1872 Jan Hoefman en Jenneken de Graaf  
1872 Gerrit Muil en Lena van der Meij  
  Gerrit Spenkelink en Johanna Aleida Muil Johanna Aleida is de dochter van Gerrit en Lena
     
 
 
Veldhofstraat
 
Boerderijtje van de familie Nijveld. Zij waren buren van de families Udink en Stormink.
 
 
Nieuw Reuvekamp
 

Ook wel Klein Reuvecamp genoemd. Boerderij zal omstreeks 1860 zijn gebouwd. In 1859 nog geen huisnummer 59b in register personele omslag, in 1861 wel inschrijving bevolkingsregister. Wel is het zo dat een dochter van Harmanus Janzen en Johanna van der Meij in 1854 in Eefde is geboren en dat het volgende kind in 1857 in Gorssel is geboren en mogelijk al op Nieuw Reuvekamp. In register personele omslag van 1859 geen registratie van Harmanus Janzen op ander adres gevonden.

Akte 14-11-1928, koopcontract weiland tussen Hendrik Richard Johannes Hassink (van Reuvekamp) en Albert Haijtink.

Huisnummer G69b>80>213>288>179>210>Veldhofstraat 36.

Marten Nikkels is geboren op Haijtinkhof. Dersken Groot Enzerink overlijdt op 17 december 1887. Marten hertrouwt op 22 augustus 1891 met Gerritjen Schepers, weduwe van Jan Willem Olden. Met hem woonde zij in het huisje schuinachter Erve Strookappe in Harfsen. Op 6 juni 1893 verkoopt Marten Nikkels dit huis aan Jan Strookappe die het dan laat afbreken en de grond gebruikt als bouwgrond. Jan woonde niet op het Erve Strookappe, daar woonde zijn oom Hendrik Jan.

Zoon Arend Johannes Gerrit Berend trouwt op 2 februari 1889 met Garritjen Woessink en zij wonen de eerste jaren van hun huwelijk ook op Nieuw Reuvekamp.

 
1857-1867 Harmanus Janzen en Johanna van der Meij Eerste hoofdbewoners
1867-1869 Joseph Gosschalk Stern en Johanna Gerarda van Borgen Geen familie van vorige bewoners
1869-1891 Marten Nikkels en Dersken Groot Enzerink Geen familie van vorige bewoners
1891-1902 Marten Nikkels en Gerritjen Schepers Gerritjen is de tweede echtgenote van Marten
1902-1945 Albert Haijtink en Johanna Hassink Johanna Hassink is de dochter van Hendrik Richard Johannes Hassink
1935-1951> Jan Haijtink en Gerritdina Hietland Jan is de zoon van Albert en Johanna
     
  Huidig adres: Veldhofstraat 36, maar afgebrand  
 
 
Hogekamp
 
Deze boerderij werd in 1908 gebouwd op een wat hoger gelegen kamp bouwland en werd daarom de Hogekamp genoemd. Op dit stuk bouwland en aan de overzijde van de weg werd voornamelijk rogge verbouwd waardoor de boerderij ook wel 't Roaland wordt genoemd. Maar omdat deze naam al vergeven is aan een boerderijtje in de Eesterhoek houden we het hierbij op de Hogekamp welke naam ook in lijn ligt met de naam van boerderijen in de buurt zoals Reuvekamp en Grooterkamp.
 

 


Dat zijn ook namen van huidige nieuwbouwwijken in Gorssel welke achter de boerderij zijn gebouwd. Eerder werd al een nieuwbouwwijk in de buurt van de voormalige manege gebouwd. Hierdoor ligt de boerderij tegenwoordig omsloten door vele huizen in het midden van het dorp, maar in 1908 was de situatie nog geheel anders zoals op bijgaand kaartje is te zien. De boerderij is daarin geel gearceerd. Het bouwland aan de overzijde van de weg werd gepacht van de familie Van der Meij van de Roskam. Op een gegeven moment wilden zij dit stuk grond gebruiken voor het dresseren van paarden en werd de pacht opgezegd.

 

 
Eerste bewoners van de boerderij zijn Hendrikus Wiltink en Hendrina ten Have. Hendrikus is afkomstig van Rensink (Olthof) en Hendrina komt van de Drie Kieften uit Joppe en ze trouwden op 2 mei 1908. Uit dit huwelijk wordt op 12 mei 1912 zoon Hendrikus Marten geboren die op 25 oktober 1940 trouwt met Harmina Nieuwenhuis uit Diepenveen. Haar moeder is Willemina Johanna Wiltink die oorspronkelijk van 't Reins afkomstig is. Hendrik Marten zijn roepnaam is Hein en hij was ook wel bekend als "Hein van de Kamp". In die tijd werd er schijnbaar niet meer gesproken over Hogekamp en bij de huidige bewoners is deze naam zelfs niet bekend. Uit het huwelijk van Hein en Harmina wordt ook weer één kind geboren op de Kamp en dit keer is het een meisje genaamd Dinie. Geen grote gezinnen dus op de boerderij waardoor er ruimte over was voor bestedelingen zoals Hendrikus Pikkerij en diens broer Lodewijk Johannes die ook een tijdje op de boerderij woonden.
 
 
De boerderij is gelegen naast de touwslagerij en Hein keek daar het vak af en schafte hemzelf ook een klein machientje aan waarmee hij uit de touwtjes om de stro- en hooibalen zelf dikkere touwen maakte. Een andere bezigheid was dat hij elke zaterdag de zandweg, want dat was de Veldhofstraat nog in die tijd, veegde. Hein was, net als zijn vader, landbouwer van beroep. Naast de rogge verbouwde hij o.a. ook aardappels, haver en voederbieten. Ook werden er koeien gehouden, op een gegeven moment zelfs 15 stuks. Deze graasden niet bij de boerderij, daarvoor was daar niet genoeg weide. De koeien stonden daarom in Joppe en verhuisden in de loop van het jaar naar de uiterwaarden van de Eesterhoek waar ze in de wei van andere familie Wiltink konden staan nabij het Dappersgat. De verhuizing was vaak nog een hele operatie en niet altijd zonder gevaar, zo is Harmina daarbij een keer lelijk gevallen toen de koeien het op een lopen zette.
 
 
De echtelieden Wiltink woonden tot hun overlijden op de boerderij. Dochter Dinie trouwde in 1971 met Wim Mogezomp en deze familienaam is sinds deze tijd verbonden aan de boerderij. Op de foto hierboven zien wij haar met moeder Harmina de melkbussen schoonmaken, dat moest natuurlijk ook op de boerderij gebeuren! Op de andere foto is Hein Wiltink aan het ploegen op het land aan de andere kant van de weg, uiterst rechts is een stuk van de boerderij te zien. Op de foto zijn de woningen te zien die na de Tweede Wereld Oorlog zijn gebouwd en inmiddels alweer zijn afgebroken. Verder was er nog toen nog niets, behalve heel in de verte boerderij Reuvekamp die ook niet meer bestaat. Op de oude kaart is deze boerderij rechtsonder aangegeven en rechtsboven Nieuw Reuvekamp. De families die er woonden, waren de "naaste" buren van de familie Wiltink en zo klopten zij bij elkaar aan voor hulp en gezelligheid. Hoog tijd dat we daarom nu een bezoek gaan brengen aan de bewoners van de eeuwenoude boerderij Reuvekamp!
 
1908-1951 Hendrikus Wiltink en Hendrina ten Have Eerste hoofdbewoners
1940-1989 Hendrikus Marten Wiltink en Harmina Nieuwenhuis Hendrikus Marten is de zoon van Hendrikus en Hendrina
     
  Huidig adres: Veldhofstraat 12  
 
 
Reuvekamp
 

Ook wel Kleinderkamp, het Kleinder en Kleijne Kamp genoemd. Mogelijk in pondschatting van 1494 al genoemd als Hinkamp met als eigenaar Harmen Bueninck te Zutphen die ook als eigenaar wordt genoemd van Grote Hankamp zijnde Grooterkamp.

1667: Gerrit Rovecamp (dat is Gerrit Jansen Kleijnderkamp)

Lidmaten 1713: Gerrijt Janssen en Jenneken Hendrijks, ehel. + Derk Janssen en Aaltjen Garrijts, ehel. beide op Kleinderkamp.

Eigenaar anno 1760 is Johannes Egbertus Hartkamp. Broer Hendricus Wilhelmus is o.a. eigenaar van de Klaphekke. Zij verkregen deze uit de nalatenschap van hun vader Henricus Hartkamp d.d. 22-02-1760. Later gaat Reuvekamp over op de kinderen van Johannes Egbertus Hartkamp en diens echtgenote Cornelia Lydia Verbeek. Deze kinderen verkopen de boerderij in 1809 aan Jan "Maddies" en Teuntje Littink.

 
1655 Jan Gerritsen Kleijnderkamp en Aaltien Eerste bekende hoofdbewoner, ook wel Jan Wolveringh en Jan op Roevekamp genoemd.
1667-1713> Gerrit Jansen Kleijnderkamp en Jenneken Hendericks Veltkamp Gerrit is de zoon van Jan en Aaltien
1697-1762 Derck Jansen Brinkhuis>Reuvekamp en Aeltjen Gerrits Kleijnderkamp Aeltjen is de dochter van Gerrit en Jenneken
1731- Garrit Gosens Braamkolk>Reuvekamp en Fenneken Derks Reuvekamp Fenneken is de dochter van Derck en Aeltjen
1768-1774 Gosen Garrits Reuvekamp en Geertjen Philips Roeterdink Gosen is de zoon van Garrit en Fenneken
1774-1809 Albert Jansen Klaphekke>Reuvekamp en Geertjen Philips Roeterdink Albert is de tweede echtgenoot van Geertjen
1795-1809 Jan Dijkerman en Gosina Reuvekamp Gosina is de dochter van Gosen en Geertjen
1809-1825 Jan Hassink (Smoddies) en Teuntjen Littink Geen familie van de vorige hoofdbewoners
1821-1835 Mannes Hassink en Teuntjen Vrolijk (Scheperboer) Mannes is de zoon van Jan en Teuntjen
1836-1877 Mannes Hassink en Derkjen Waaijenberg Derkjen is de tweede echtgenote van Mannes
1866-1871 Willem Hassink en Rika Johanna Barmentloo Willem is de zoon van Mannes en Teuntjen
1873-1931 Willem Hassink en Janna Dijkman Janna is de tweede echtgenote van Willem
1904-1928 Hendrik Richard Johannes Hassink en Geertjen Boschloo Hendrik is de zoon van Willem en Janna
1928-....... Gerrit Cornelis Wilbrink en Hendrika Memelink Geen familie van de vorige hoofdbewoners
1948-1979 Albert Wilbrink en Berendina Leunk Albert is de zoon van Gerrit en Hendrika
     
  Huidig adres: Afgebroken in 1980  
 
 
Grooterkamp
 

Werd anno 1274 en 1462 nog Harzecamp genoemd. “Harzecamp gelegen met allen syden end eynden an der heyden” (1274). Gelegen kerspel Gorsloe, buertschap Eschede. Later ook wel Kamperman genoemd. Pondschatting 1494 Grote Hankamp.

In 1705 transporteert Jacob de Buininck erve Groterkamp aan zijn zoon Herman de Buininck. Op 27 augustus 1731 donateert Margaretha Maria Knoppert, weduwe van Herman de Buininck, de erve Groterkamp aan haar vijf kinderen w.o. Marcel Hendrik en Cecilia Elisabetf. Deze legateert op 2 februari 1749 aan haar broeder Marcel Hendrik van Buinink al haar inboedel en geraakheid des huizes zo alhier op Groterkamp.

Grooterkamp bestond uit een boerderij en herenhuis welke het spijker werd genoemd. Hier woonde de eigenaar, al dan niet permanent. Rond 1770 woont hier de eigenaresse Arnolda Columba van Stuurman. Met de jaarwisseling krijgt zij een brief en op de voorkant van de envelop staat geschreven "residerend op Groterkamp". De brief werd afgegeven op de Roskam welke dus ook min of meer als postkantoor diende.

Uit een magescheid van 1751 blijkt dat het Erve Groterkamp bestaat uit het eigenaars huijs, hof op Groterkamp, met het boerenhuijs, berg, schaapschot en schuure. En heel veel grond, daar passen heel wat wijken Grooterkamp op!

Dit is het eigenaars huis ook wel het spijker genaamd. Tekening is van 1720.
 
1591-1603 Stiefvader en moeder van Gerrit Smeijnck  
1645 Jan Albertz en Aeltien Stevens Jan Albertz bouman op Groterkamp
1673 Gerrit op Grooterkamp  
1694-1704 Gerrit Arentsen Alferdink op Groterkamp en Berentjen Wendels op de Horst Gerrit is de kleinzoon van Gerrit
1704-....... Gerrit Arentsen Alferdink op Groterkamp en Jenneken Teunissen Rensink Jenneken is de tweede echtgenote van Gerrit
1716-1750 Hendrik Gierman-Camperman en Gerritjen Gerrits Alferdink Gerritjen is de dochter van Gerrit en Berentjen
1746-1754 Gerrit Hendriks Camperman en Janna Jansen Boevink Gerrit is de zoon van Hendrik en Gerritjen
1754-1762 Gerrit Hendriks Camperman en Janna Jansen Wegstapel Het echtpaar verhuist in 1762 naar erve Hakkert te Dijkerhoek
1750-1771> Marcel Hendrik van Buijnink en Arnolda Columba van Stuurman Eigenaar
1770-1780 Jacobus Brink en Johanna Willemsen Pachter
1780-1783 Jacobus Brink en Maria Gerrits Maria is de tweede echtgenote van Jacobus
1784-1838 Berend ten Velde en Maria Gerrits Berend is de tweede echtgenoot van Maria
1817-1829 Jacobus ten Velde en Johanna Wanderina Lankhorst Jacobus is de zoon van Berend en Maria, hij koopt Groterkamp in 1819 (daarvoor pacht)
1831-1840 Everardus Wilhelmus Martens en Johanna Wanderina Lankhorst Everardus is de tweede echtgenoot van Johanna, hij verkoopt Groterkamp in 1835
1840-1842 Albert Nikkels en Jenneken van Hummel  
1843-1848 Evert Jan Eijerkamp en Jenneken van Hummel Evert Jan is de tweede echtgenoot van Jenneken
1849-1859 Jan Derk Wolterink  
1859-1868 Evert Brouwer en Johanna Hendrika van der Meij  
1868-1870 Bartha Roeterdink met kleinkinderen  
1870-1878 Derk Jan Horstman en Gerritje Scheuter  
1878-1887 Gijsbert Jan Willemsen en Derkjen Gerrits  
1887-1894 Klaas Klijn Velderman en Hendrika Jacoba Brinkman  
1896-1899 Klaas Klijn Velderman en Willemina Maria Smeenk Willemina Maria is de tweede echtgenote van Klaas
1899-1918 Engbert Jan Reilink en Gerritjen van Til  
1905-1966 Jan Bertus Leunk en Dina Reilink Dina is de dochter van Engbert Jan
1942-....... Gerrit Kloosterboer en Harmken Leunk Harmken is de dochter van Jan Bertus en Dina
1970-1995 H.J. Dommerholt  
 
 
Kamperweg
 

Dit is mogelijk het huis van de Kamperweg 2, maar is niet zeker. Op dit adres woonde in 1846 H. Boterman en in 1861 Hendrik Jan Wunderink en diens echtgenote Wilhelmina Happé. Zij trouwden op 1 februari 1861 en een dag later werd hun eerste kind geboren!

Huisnummer 68a, vanaf 1866 huisnummer 101.

Wilhelmina Happé verhuist op 15 april 1909 met dochter Wilhelmina en kleindochter Wilhelmina naar Eefde. Tot 1921 is het huis daarna onbewoond.

In de periode 1921-1923 wonen er Jan Dijkstra en Johanna Theodora de Raadt en in de periode 1923-1930 is het huis mogelijk weer onbewoond, nog nakijken. Op 9 mei 1930 komen Willem Gerrit Evert Valk en Okje Hoegsma er wonen en in 1936 wonen zoon Gerard Bertus en schoondochter Louise Bekker voor een half haar ook op dit adres. In 1952 zal zoon Gerard Bertus er weer wonen samen met zijn moeder, Willem Gerrit Evert is in 1950 overleden. Er wordt in 1952 ook een mej. M.C. Spapens geregistreerd.

 
1846+1851 H. Boterman  
1859-1909 Hendrik Jan Wunderink en Wilhelmina Happé  
1921-1923 Jan Dijkstra en Johanna Theodora de Raadt  
1923-1930 Onbekend  
1930-1952> Willem Gerrit Evert Valk en Okje Hoegsma Het echtpaar is afkomstig uit Frankrijk
 
 
Groote Haar
 

De Groote Haar wordt ook wel Klein Eschede genoemd. Van bijgaande tekening wordt verondersteld dat deze van 't Eschede zou zijn maar daar bestaan toch nog wel twijfels over. De tekening is namelijk gemaakt door Wijnand Klinkhamer, broer van Sibout Christiaan Klinkhamer. Wellicht is er verwarring ontstaan door de namen Eschede en Klein Eschede.

Op 4 maart 1843 wordt Machtilda Cornelia Susanna Nijenhuis op den Huize de Haar geboren als dochter van Jan Willem Nijenhuis en Hanna Elisabeth Ovink die later op Ravensweerd woonden.

Martina Aletta Smeer is op 27 april 1864 overleden op de Groote Haar. Sibout gaat daarna bij zijn dochter Sara en schoonzoon Jan Antonij Hendrik Gooszen wonen op de Bloemenkamp in het dorp Gorssel. De Groote Haar is daarna onbewoond en waarschijnlijk in 1866 afgebroken. Uiteindelijk woont Sibout bij de familie Schut op de Kleine Haar.

 
1839-1846< Jan Peter Lodewijk Albert Geselschap en Catharina Wilhelmina Louise Geselschap Eerste hoofdbewoners
1851 H.A. Witheur?  
1854-1865 Sibout Christiaan Klinkhamer en Martina Aletta Smeer  
     
 
Nieuw Bosser
 
De naam Nieuw Bosser is niet van toepassing op het oudste huis van dit verhaal. Dit huis werd namelijk al in 1858 gebouwd en een naam wordt er verder niet aan gegeven. Een huisnummer wel en dat was 65a. Het zal een eenvoudig onderkomen zijn geweest welke wel onderdak gaf aan twee families en in de bewonersgeschiedenis hieronder staan dus overzichten van hoofdbewoners en medebewoners. Op de kaart hieronder van 1890 staan twee huisjes aangegeven en zal er dus een tweede huisje zijn begebouwd op hetzelfde erf, ergens in de periode 1867-1890. Deze huisjes stonden ongeveer t.h.v. de huidige tennisbaan. De uiteindelijke boerderij Nieuw Bosser (die nog steeds bestaat) staat aangegeven op de kaart van 1910 en staat dichterbij de huidige Zutpenseweg. Dit huis is gebouwd in 1901 en het tweede oude huisje zal in 1909 zijn afgebroken.
 
1867
1890
1910
 
De eerste hoofdbewoners zijn Jan Willem Wentink en Egberdina Johanna Beltman. Egberdina is de dochter van Jenneken Poorterman en stiefdochter Jan Nijenhuis die op de Galette wonen. We pakken de bewonersgeschiedenis op bij Jan Groot Wesseldijk en Everdina Slijkhuis die op 1 april 1897 vanuit Warnsveld komen met hun nog ongehuwde dochter Gerritje. Jan overlijdt op 21 augustus 1900 en als dochter Gerritje op 8 december 1900 trouwt met Harmen Nijenhuis verhuist Everdina met het jonge stel naar Eefde. Het huisje (we gaan uit van twee huisjes op het erf) zal daarna zijn afgebroken en de stenen zullen waarschijnlijk zijn gebruikt voor de bouw van een nieuwe woning die dichterbij de huidige Zutphenseweg wordt gebouwd.
 
Dit is het huis welke de naam Nieuw Bosser krijgt. De nieuwe bewoners zijn Hendrik Onstenk en Aaltjen Fredrika Kolkman die afkomstig zijn van 't Dijkerhof maar eerder (als laatste bewoners) op 't Bosser hebben gewoond en daarvan de naam hebben meegenomen. Er was sprake dat de stenen van 't Bosser (of zelfs 't Ontijdink) zijn gebruikt voor Nieuw Bosser maar dat is niet logisch aangezien 't Bosser reeds in 1885 is afgebroken en de stenen waarschijnlijk zijn gebruikt voor de bouw van Veldkamp die ook aan de Markeweg stond en ook Klein Bosser zou zijn genoemd.

Het toeval wil dat de eerste bewoners van Veldkamp daarvoor ook op 't Dijkerhof woonden en eerder nog medebewoners zijn geweest van "Nieuw Bosser". Het zijn Jan Willem Pekkeriet en Everdina Zandscholten die in het bewonersoverzicht hieronder worden genoemd.

In ieder geval zijn er oude stenen gebruikt bij de bouw van Nieuw Bosser en deze zaten in het achterhuis, deze stenen waren duidelijk ouder dan die van het voorhuis. Het huis is eigendom van de familie Makkink van 't Wolferink die ook eigenaar was van 't Dijkerhof.
 
Hendrik Onstenk en Aaltjen Fredrika Kolkman zijn dus de eerste bewoners van het nieuwe huis. Hun foto's zijn te zien bij het verhaal over 't Dijkerhof waar ze waarschijnlijk moesten verhuizen omdat deze afgebroken werd. Hendrik overlijdt op 15 maart 1909 en van het overlijden wordt aangifte gedaan door naaste buurman Engbert Jan Poorterman.

Zoon Karel, losarbeider van beroep, trouwt op 20 mei 1911 met Jenneken Aleida Reugebrink. Een foto van Karel was al te zien bij het verhaal over 't Bosser en hiernaast zien wij de foto van Jenneken. Daarnaast nog een foto van het echtpaar op wat hogere leeftijd. De kinderen zijn dan al geboren, vijf in getal. Oudste zoon Gerrit Jan wordt al in 1910 voor het huwelijk geboren in Eefde waar Jenneken met haar ouders woonde en komt pas in 1920 op Nieuw Bosser wonen. Op 19 maart 1932 trouwt hij met Janna Leusveld en zij wonen dan eerst kort op Nieuw Bosser en verhuizen in 1935 naar de Wolzak in Eefde. Zus Aaltje Frederika trouwt ook in 1932, op 19 november, met Klaas Goverts en ook zij wonen op Nieuw Bosser. Zij wonen daarna ook nog in een noodwoning aan de Kwekerijweg en in Eefde maar komen uiteindelijk toch weer op Nieuw Bosser wonen waar Aaltje Frederika Kolkman ondertussen op 7 mei 1936 is overleden. Klaas overlijdt twee jaar later als hij de bomen met gif aan het spuiten was en de tank op zijn rug ontploft.
 
Aaltje Frederika hertrouwt later met Gerrit Hendrik Nijveld en en ook Jan Willem Onstenk (broer van Gerrit Jan en Aaltje Frederika) heeft nog met zijn echtgenote Hermina Johanna Beffers op Nieuw Bosser gewoond en woonde later op de Kleine Muil. Gerit Hendrik Nijveld heeft het achterhuis verbouwd en daar hebben Gert en Alie van 1965 tot begin jaren tachtig gewoond. Later heeft hun zoon Gertie nog de schuur verbouwd tot huiskamer en keuken en woonde daar van 1967 tot 1971. Karel Onstenk is overleden op 19 oktober 1963 en Jenneken Aleida heeft nog tot 1973 in het voorhuis gewoond samen met haar broer Hendrik (Henne) en verhuisden daarna samen naar Eefde.
 
1858-1866 Jan Willem Wentink en Egberdina Johanna Beltman Egberdina woonde met haar ouders op de Galette
1866-1887 Harmen Meijer en Willemina Bielderman Afkomstig van de Kleine Muil
1887-1894 Albert Voskamp en Gerritje Heuvelink Afkomstig van de Nieuwe Vos
1895-1897 Gerrit Jan van der Gronden en Hermina Gerdina Hogeweij Geen familie van vorige hoofdbewoners
1897-1900 Jan Groot Wesseldijk en Everdina Slijkhuis Everdina is de dochter van Marten Slijkhuis en Hermina Holland
1901-1936 Hendrik Onstenk en Aaltjen Fredrika Kolkman Afkomstig van Dijkerhof
1911-1973 Karel Onstenk en Jenneken Aleida Reugebrink Karel is de zoon van Hendrik en Aaltjen Fredrika
1932-1935 Gerrit Jan Onstenk en Janna Leusveld Gerrit Jan is de zoon van Karel en Jenneken Aleida
1935-1938 Klaas Goverts en Aaltje Frederika Onstenk Aaltje Frederika is de dochter van Karel en Jenneken Aleida
1943-1947 Jan Willem Onstenk en Hermina Johanna Beffers Jan Willem is de zoon van Karel en Jenneken Aleida
1965-1980~ Gerrit Hendrik Nijveld en Aaltje Frederika Onstenk Gerrit Hendrik is de tweede echtgenoot van Aaltje Frederika
 
Hieronder een overzicht van de bewoners van oorspronkelijk huisnummer 65a2 (de 2 staat voor dubbele bewoning). Dit huisnummer wijzigde in 1866 naar 95-2 en bij de huisnummering van 1890 verdwijnt het tweetje en wordt het huisnummer 163. Dit is een extra aanwijzing dat er toen twee verschillende huisjes waren, het andere huisnummer was in die tijd 162. Oorspronkelijke medebewoners zijn Albert Jan Leusink en Jenneken Beekman die van 't Dommerholt afkomstig zijn.

Gerrit Jan Dollen en Willemken Kloppers wonen er in de periode van 1894 tot 1902. Het echtpaar is afkomstig uit Eefde en heeft daar op verschillende adressen aan de huidige Scheuterdijk en Jodendijk gewoond. Het echtpaar heeft twee dochters, twee meisjes die in 1885 in Harfsen zijn geboren waar het echtpaar eerder woonde. December 1902 verhuist het echtpaar met dochter Hendrika Johanna naar de huidige Mettrayweg in Eefde waar Willemken op 4 april 1914 overlijdt. Gerrit Jan gaat daarna bij dochter Johanna Gezina en schoonzoon Berend Jan Heijnen op de Domme Aanleg wonen, niet ver van de Markeweg. Hier is Gerrit Jan op 3 april 1916 overleden. De foto hiernaast is van Gerrit Jan en Willemken wiens broer Karel zwager was van Hendrik Jan Strokappe uit Harfsen.

Engbert Jan Poorterman koopt op 9 september 1909 een huis op de Eesterbrink van Evert Jan Wassink.
 
1858-1865 Albert Jan Leusink en Jenneken Beekman Eerste medebewoners
1865-1874 Willem Boterman en Geertjen Poorterman  
1874-1875 Jan Willem Pekkeriet en Everdina Zandscholten Het echtpaar verhuist naar 't Dijkerhof
1877-1894 Jan Kiezel en Johanna Nieuwenhuis  
1894-1902 Gerrit Jan Dollen en Willemken Kloppers Willemken is een nichtje van Hendrik Onstenk
1902-1909 Engbert Jan Poorterman en Harmina Gerritdina Harmsen  
     
  Huidig adres: Markeweg 4  
 
Galette
 
Ook wel Ruimzigt (Ruimzicht) genoemd. Eigenaar 1832 is de weduwe van Willem Jan Laroy van de Grote Muil.
 
     
1831 Antoine Francois Gallette en Wilhelmine Louise von Leschen Eerste hoofdbewoners
1840-1841 Gerrit Jan Duistermaat en Maria Arends Huisnummer 65
1841 Jan Willem Zandscholten en Janna Wassink Medebewoners op huisnummer 65-2
.......-1846 Hendrik Beltman en Jenneken Poorterman  
1847-1874 Jan Nijenhuis en Jenneken Poorterman Jan is de tweede echtgenoot van Jenneken
1874- Hendrik Jan van der Meij en Barta Johanna Klein Baltink Geen familie van vorige bewoners
     
 
 
Flierderkamp
 
 
 
 
Prins
 

Harmen Meijer is geboren op Bartels Hofstede en is de kleinzoon van Jan Prins.

Huisnummer 71 anno 1841.

Ook wel Prinsenhof genoemd, zie hypotheek d.d. 01-03-1864 betreft "de Prinsenhof" bestaande uit huis en erf, bouw- en heidegrond te Gorssel op naam van Harmen Nijenhuis en Hendrika Holmer.

 
1791-1848 Harmen Meijer en Hendrika Knopers Eerste hoofdbewoners
1817-1836 Derk Meijer en Gardina Bluemink Derk is de zoon van Harmen en Hendrika
1836-1850 Klaas Dijkink en Gardina Bluemink Klaas is de tweede echtgenoot van Gardina
1851-1854 J.A. Tieman  
1854-1860 Egbert Enterman en Willempje Knippenberg  
1860-1895 Harmen Nijenhuis en Hendrika Holmer  
1894-1899 Hendrik Jan Nijenhuis en Gerritjen Braamkolk Hendrik Jan is de zoon van Harmen en Hendrika
1899-1900 Hendrik Braakhekke en Hendrika Bannink Geen familie van vorige hoofdbewoners
1900-  Gerrit Muil en Johanna Voupel Geen familie van vorige hoofdbewoners, afkomstig van de Bongerd
     
 
Hierna gaat het richting Joppe met o.a. Joppe kasteel, het erve Job (Nijland), Ruimzigt, Vossenbelt, Vuurslag, Achterkamp, Voortman etc.